Over Upje.

Follow by Email

donderdag 26 februari 2015

Relax, baby, relax. #boostyourpositivity

Ik kan dat dus niet, relaxen. Het lijkt alsof ik altijd ontspannen ben, in eender welke stressvolle situatie ook. Op mijn werk bewonderen collega’s mij daarvoor en ik krijg het al ieder jaar op mijn performance review te horen als positief punt. In werkelijkheid is echter niets minder waar. Ik ben een stresskieken, maar eentje dat het goed kan wegsteken. Mijn spieren zijn voortdurend gespannen, maar vooral gaat mijn hoofd nooit uit. Dat is ook het grote probleem: daarom is eens écht relaxen nooit aan de orde.

Ik zou wel graag een bad nemen, maar dan dwaalt mijn hoofd weer af naar de zesduizend dingen die ik nog moet doen en dan wil ik eigenlijk hier en nu uit het water stappen om aan die to-do lijst te beginnen. Een heerlijk boek lezen, dat is iets dat me wel volledig uit de dagelijkse rompslomp kan halen. Ik kan daar écht van genieten. Helaas is het me de laatste twee jaar ofzo nauwelijks nog gelukt. Boeken moeten lezen in kleine stukjes, dat bevordert mijn leesgenot niet en zorgt er dus ook voor dat ik niet meer meegezogen word in het verhaal. Weg ontsnappingsroute. “En muziek dan?”, hoor ik de trouwe lezer al denken. Mja. Ik doe dat ontzettend graag en ik geniet er wel van om op een podium te staan en met schitterende muzikanten te mogen samenwerken, maar het is ook iedere keer weer stress voor mij. Ik heb voortdurend het gevoel dat ik er eigenlijk niet op mijn plaats ben; ik wéét niet hoe de Matthäuspassie gaat, ik kan je niet zeggen welke werken ik ooit in mijn leven al heb gezongen, ik heb werkelijk geen idéé wat de meest indrukwekkende aria’s zijn voor sopranen en ik ken geen namen van artiesten of dirigenten. Bovendien hebben bijna al mijn koorgenoten er een heuse zanglescarrière opzitten, waardoor ik dus steeds het gevoel heb dat ik alleen maar ‘per ongeluk’ door de auditie ben geraakt. Daarom is elke repetitie stress, want ik heb het gevoel dat ik me moet bewijzen. Iedere uitvoering idem, want in gesprekken zou ik zomaar door de mand kunnen vallen als compleet onwetende. Leuk? Absoluut. Pure ontspanning en relaxen? Bwaaaaah. Not so much. Sporten werkt écht niet voor mij, want ik haat het met elke vezel van mijn lijf. Zo sóms kan ik compleet ontspannen als ik met een vriendin uit eten ga. Alleen is er altijd zo veel geregel voor we daartoe komen en zoveel gedoe om er dan vervoersgewijs te geraken ... .

Het resultaat spreekt natuurlijk voor zich. Dat ik aan de bloeddrukpillen zit op mijn tweeëndertigste, da’s nog het minste. Dat mensen doordat ik er zo relaxed uitzie mij altijd maar meer op mijn bord duwen, dat is een ander neveneffect. Dat ik altijd en altijd moe ben, dat vind ik al heel wat minder lollig. Dezer dagen is het weer heel erg, dus kan ik niet anders dan mij ’s avonds een dekentje te nemen, een berg kussens in de zetel te installeren en wat naar de tv te staren en te slapen. Dat is ook het enige dat kan zorgen dat ik kan volhouden. Slapen, slapen en nog eens slapen. Wat ik dan weer jammer vind, want gedurende al die tijd dat ik lig te ronken zou er zoveel werk verzet kunnen worden, zou ik zoveel léuke dingen kunnen doen ook, zou ik ... zoveel.

Ik doe mijn best om mijn hoofd een halt toe te roepen, om honderdeneen gedachten om te buigen en om mezelf te overtuigen alle twijfels en angsten opzij te zetten. Maar wist je hoeveel energie dat vraagt? Hoe het alles zoveel meer beladen maakt?

Er is in ieder geval werk aan de winkel. Zoeken wat mij wél echt kan ontspannen en er werk van maken. Misschien krijg ik dan weer méér energie om alle verplichte dingen te blijven doen. Stel je zomaar eens voor...

donderdag 19 februari 2015

Shortcuts. #boostyourpositivity


Of we even wilden beschrijven wat wij deden om de boeldraaiende te houden, schreef ze. Een soort van ‘shortcuts' dus. Mwoeha, draaiende? Vierkant dan toch in ons geval, dacht ik meteen. Ik heb voortdurend het gevoel dat ik achter de feiten aanhol, dat mijn huis een stort is en dat ik nooit verder kom dan de dagelijkse brandjes blussen. Ik ben geen geweldige huisvrouw, dat is zeker. Ik geniet er nog veel minder van. Toch verschijnen wij doorgaans wel waar we verwacht worden – én op tijd!, hebben we iedere dag propere kleren aan en komen we niet om van de honger. Bovendien kunnen mensen ook nog in een fatsoenlijk huis binnenstappen als ze een half uurtje op voorhand ofzo hebben laten weten dat ze zouden komen. Er moet érgens dus toch iets van systeem inzitten, lijkt me. En jawel, hoor ...

·        Om te beginnen hebben we natuurlijk ons weekmenu, waar ik eerder al over schreef. Soms slabakken we een beetje, maar dan loopt het ook meteen in het honderd. Dan moeten we tussendoor nog drie keer naar de winkel, zitten we als avondmaal corn flakes te eten of eindigen we bij ongezonde brol. Dat zorgt voor stress, maakt ons slechtgezind, dus dat vermijden we toch liever. Leve het weekmenu dus! Op donderdag denk ik na over wat we allemaal zouden kunnen eten, ik stuur mijn lijstje door naar de echtgenoot ter goedkeuring en op vrijdag maken we dan een boodschappenlijstje. Uiteraard loopt er hier en daar nog wel eens iets mis, maar over de grote lijn lukt het ons om het eetgebeuren op deze manier te laten lopen.

·        Dat boodschappenlijstje stellen we op logische wijze op. In de winkel kom je eerst bij de groenten en fruit, dus die zetten we samen als eerste op de lijst. Daarna arriveren we bij het vlees, dus dat staat gegroepeerd als volgende. Daarna brood en melkproducten en ... . Works like a charm en we hoeven niet aan het eind van de winkel verschrikt te constateren dat we halverwege ergens een item op het briefje over het hoofd gezien hebben.

·        Bij dat bewuste weekmenu maak ik ook al handig gebruik van een tweede puntje op de lijst: agenda’s. Zowel de echtgenoot als ik hebben een gmailaccount en we gebruiken de agenda’s daarvan op onze smartphone. Ik kan ook die van mijn lief zijn, hij die van mij, dus we komen normaal gezien niet voor verrassingen te staan. Als ik mijn weekmenu plan, kijk ik dus ook eerst of er geen doktersafspraken of andere uitjes op het programma staan. Veel tijd? Laat je dan volledig gaan. Geen tijd? Grijp terug naar diepvriesporties of hier en daar zelfs eens prefab-eten uit de supermarkt. Heel handig! Door onze agenda's ook aan elkaar te linken, hoef ik me dus nooit af te vragen of de echtgenoot wel op Kasper kan letten terwijl ik met een vriendin bijklets, ik moet niet meer telkens tegen mijn artsen zeggen “euh, ik dénk wel dat het gaat lukken, maar ik moet even verifiëren met mijn man”. Ik zié wat er te doen valt en alles wat niet in de agenda staat, dat telt gewoon niet. Easy. ;-) Er staat ook in wanneer Kasper naar oma gaat, wanneer de grootouders op vakantie zijn, wanneer de crèche dicht is en welke vervangoppas we dan ‘geboekt’ hebben.

·        Mijn telefoon is ook voor andere dingen geweldig handig. Ik moet tegenwoordig al een hele dosis pillen nemen per dag, maar in de drukte van het leven schiet dat er zo soms al eens over. Het is niet dat ik dat niet wil doen, maar ik denk dan “ja, direct”. Maar we weten allemaal hoe dat dan uiteindelijk afloopt ... . Daarom heb ik nu al een tijdje een app die me daarbij helpt; medisafe. Je voert in welke medicatie je allemaal moet nemen en in welke hoeveelheden, je zet op welke uren je dat het best zou doen en iedere dag laat dat ding je weten dat het tijd is voor je pillen. Intussen heb ik mezelf ook zo ver van dat alarm desnoods te snoozen, maar niét af te zetten voordat ik de hele handel uiteindelijk binnen heb.

·        Voor diezelfde pillen is er ook nog een ander handig hulpmiddel: een pillendoos! Ik voelde me wel even vijfentachtig toen ik ernaar vroeg in de apotheek, maar ik denk dat het me wel kan helpen. Ondanks de app wil het namelijk toch al eens gebeuren dat ik achteraf denk: “Heb ik dat nu écht genomen? Of ben ik alleen naar de kast gestapt met die inténtie en werd ik uiteindelijk zo afgeleid dat ik iets helemaal anders ging doen?” Ja, dat gebeurt echt, en na de laatste keer was ik het dus echt zat. Ik heb nu mijn doosjes met de namen van dagen erop en met een vakje per tijdstip en zo kan ik dus ook altijd zien of ik ze al binnen heb of niet. Ik denk dat het me veel hoofdbreken zal sparen.

·        Strijken en poetsen, dat zijn dus dingen die ik echt haat. Alleen al de gedachte van mijn huis te moeten gaan schoonmaken volstaat om slechtgezind te worden. Strijken idem. We hebben beide taken dus uitbesteed en dat is heerlijk. Het maximum aan wat we nog eens zelf moeten doen is een stofzuiger nemen of één enkel kledingstuk strijken omdat we nu net persé dat willen aandoen, terwijl er nog tien andere stuks klaarliggen. We hebben dan nog het geluk dat we er niet voor hoeven te betalen, maar de dag dat onze huidige hulp ermee ophoudt, dan beginnen we meteen met een betaalde poetsvrouw te zoeken. Dat is zeker.

·        Opruimen, dat is natuurlijk iets dat we toch echt zelf moeten doen. Ik vind het verbazend te zien hoe al die spullen altijd maar ergens terechtkomen waar ze niet horen ... dus proberen we daar iets aan te doen. Het zou een beetje dwaas zijn om telkens voor één dingetje naar boven of beneden te trekken, dus we groeperen dat een beetje. Ik zet een delhaizezak in de gang en daar gooi ik af en toe iets bij. Degene die dan met lege handen naar boven gaat, kan die al meenemen. Uitladen hoeft daarom niet meteen, maar dan is die rommel tenminste al dichter bij zijn eigen plek. Idem voor beneden, uiteraard. Op Pinterest doen ze dat allemaal met heerlijke manden en bakken, maar bij ons gebruiken we dus zakken van de delhaize, van de carrefour, van de albert heijn en hier en daar al eens een verdwaalde wasmand.

·        Iets dat soms geweldig belachelijk lijkt, maar voor mij wél erg efficiënt werkt: ik stuur mailtjes naar jezelf. “briefjes mutualiteit”, “mail zangjuf”, “bellen dokter Huppeldepup”. Een mailtje zorgt ervoor dat ik aan dat soort kleine dingetjes herinnerd wordt op het moment dat ik het moet doen. Uiteraard gebeurt het nog wel eens dat ik het over het hoofd zie of gewoon – let’s face it – te lui ben om in actie te schieten. Toch zorgt het ervoor dat ik geen zesentachtig keer per dag moet denken “oh, ik moet dokter X nog bellen!”, maar ik weet dat ik er op het juiste moment aan zal herinnerd worden. Dat laat toch al iets meer ruimte voor de honderd andere dingen die mijn aandacht vragen, want mijn warhoofd kan dat anders echt niet bijbenen.

·        Last but not least proberen we erin te krijgen dat we zoveel mogelijk dingen meteen doen. Gedaan met eten dus even snel de borden afspoelen en in de afwasmachine. De flessen van Kasper meteen naar de keuken brengen en afspoelen na gebruik. Aan iets denken dat we in de winkel moeten kopen en dat dan ook meteen op een lijstje schrijven. Een factuur met de post binnenkrijgen en ze meteen bij mijn computer leggen, zodat ik er later aan herinnerd wordt van ze dan ook meteen te betalen. Dat soort dingetjes. Ze duren allemaal zo kort, maar als je het laat liggen dan stapelt zich dat alleen maar op. Bovendien escaleert het naar mijn ervaring vaak héél vlug. Er staan nog vuile borden op tafel, dus ik smeer mijn boterham maar even rechtstreeks op de tafel en laat mijn mes ook nog liggen en straks dan eet ik nog een yoghurtje en zwier dat potje er nog wel ergens bij en ... . Of ik moet ‘ooit nog eens’ een rekening betalen en nog eentje en dan plots herinner ik me wel dat ik “recent” nog betalingen heb gedaan dus het zal wel in orde zijn ... tot ik dan natuurlijk de herinnering in mijn bus krijg. Not good.
We moeten eerlijk zijn: aan dit puntje is nog wel wat werk. Toch ben ik blij met iedere keer dat we de keuken netjes kunnen verlaten na het eten, met de keren dat we niet wéér vergeten zijn vuilniszakken te kopen of de avonden dat ik eens niét in mijn bed kruip en denk “sh*t, ik had moeten bellen naar ... “.

En voor de rest, hé mannen ... Voor de rest probeer ik gewoon tevreden te zijn met hoe het is. Hier kruipt een bijzonder rommellustig jongetje rond, dat niets anders doet dan heelder dagen alles op de grond gooien. Datzelfde ventje komt standaard aan mijn broek hangen en maakt me zonder woorden (doch eisend!) duidelijk dat hij gepakt wenst te worden, nét toevallig als ik in de keuken sta om de chaos daar aan te pakken. Ik weet niet hoe dat met jullie zit, maar afwassen met een kind op mijn heup ... niet echt iets dat me handig lijkt. En daarnaast zijn moeder en vader gewoon compleet afgepeigerd door drukke werkdagen en veel te actieve nachten (wij zouden liever slapen, you know, maar iemand denkt daar anders over), dus soms ontbreekt ons ook écht alle moed om zelfs maar vijf seconden iets te doen. I’m sorry for that. Maar ik trek het mij niet meer aan. Voilà!

Ik schreef deze post overigens in het kader van #boostyourpositivity.be naar een opdracht van Lilith.

maandag 9 februari 2015

Een weekmenu met winners en probeersels. #boostyourpositivity

Hier ten huize Up is het nog niet de zoon die het ons moeilijk maakt qua eten. Hoewel ... Meneer haalt zijn schattig neusje op voor alles wat moeder de vrouw lekker vers voor hem heeft staan prepareren en verkiest, op een goeie dag dan toch, potjesvoer. Nu weet ik ook wel dat dat absoluut niet ongezond is en dat hij daar écht niet dood van zal gaan, maar mijn arm moederhart steekt, dat verstaat ge wel. Vooral omdat ik dus van plan was om de zoon op te kweken tot het tegenbeeld van zijn vader op eetvlak. Als ik hem maar alles aanbood, zou hij zeker alles lusten. Yeah right. Die vader van die zoon, dat is eh ... een eerder slechte eter. Het gamma groentjes is geweldig beperkt, dus ik vis nogal vaak in dezelfde vijver als het op recepten zoeken aankomt. Neem daar dan nog bij dat we hier toch wat op onze lijn moeten letten en er vallen alweer heel wat heerlijke, maar vettige en kcalorierijke gerechten uit de boot. Sinds ik de weekmenu’s in het leven riep, hoef ik gelukkig niet meer iedere dág na te denken over wat we op tafel gaan toveren. Op donderdag denk ik er wat over na en op donderdagavond stuur ik mijn voorstel door naar de echtgenoot ... die dan tijd heeft tot vrijdagavond om zijn fiat te geven. Zaterdag trekken we dan met het hele gezin naar de winkel en slaan de nodige ingrediënten in om dat weekmenu te kunnen uitvoeren.

Toch ben ik wel héél benieuwd wat er allemaal geblogd gaat worden binnen de #boostyourpositivity challenge. Recepten en gerechten die snel en makkelijk klaar te maken zijn, maar je tegelijkertijd doen watertanden. Wat wilt een kook- dan wel eetlustige nog meer?

Hier zijn we in ieder geval al geweldig goed bezig de laatste weken. Het is al lang geleden dat ik gewoon aardappelen met groentjes en wat vlees op tafel zette, als ik erover nadenk. Voor zij die al schrik krijgen: ik ben echt geen keukenprinses. Ik kan eten op een lekkere manier klaarmaken, maar daar is het ook mee gezegd. Er mislukken heel vaak recepten en ik kan ook moeilijk van mijn kookboek afwijken. Hetgeen dus zal volgen, is voor iedereen goed te doen. No skills needed!

·        Tip één: nodig uzelf soms al eens uit. Bij een schoonmoeder, een vriendin, een zus of broer misschien ... maar zorg dat je minstens één keer in de week niet zelf hoeft te koken. Als dat onhaalbaar is, probeer er dan bijvoorbeeld een tweewekelijks of maandelijks event van te maken. Wij eten iedere maandag bij de schoonmoeder en dat is een geweldig gemak. Eén dag die iedere keer al vanzelf gevuld raakt op mijn weekmenu, daar zeg ik niet nee tegen! Vandaag krijgen we daar wortelstomp met kippenchipolata voorgeschoteld. Toevallig nog mijn lievelingseten ook!

·        Tip twee: schaam u niet te hard om al eens een gemakkelijke oplossing te kiezen. Afgelopen zaterdag maakte ik bijvoorbeeld een wortel-gehakttaart. Een soort quiche dus. Niet übergezond, maar altijd beter dan frieten, en bovendien geweldig lekker. Alleen zag ik er al tegenop om al die worteltjes te gaan raspen ... dus kochten we ons een zak voorgeraspte exemplaren. Dit is misschien niet zo’n topidee als je heel erg op je geld moet letten of als je gek wordt van verpakkingen omwille van het milieu, maar aan alle andere koks zou ik zeggen: gaan voor die banaan! Daardoor heeft het misschien twintig minuutjes geduurd voor ik alles in de oven kon schuiven en 25 minuten later zaten we watertandend aan tafel. Amen.

·        Tip drie: laat uw oven het werk voor u doen. Of uw slowcooker. Er zijn weinig dingen zo makkelijk als iets in de oven pleuren, het een half uurtje of langer later opstaan en er daarna lekker van te smullen. Als je kindjes huiwerk moeten maken, kan dat misschien wel perfect in de tijd die de oven nodig heeft om alles tot een wonderlijk gerecht te maken. Of misschien kan je dan eventjes ongegeneerd met de kindjes spelen. Of –dit doe ik zelf meestal – je kunt op die tijd je compleet ontplofte keuken terug tot iets propers herleiden en misschien zelfs hier en daar al wat speelgoed / rommel opruimen. Er was een tijd dat de echtgenoot en ik geen oven hadden, stel je voor. Sinds we die wél hebben, wordt die meerdere keren per week gebruikt. Oh, en over die slowcooker ... . Ik moet eerlijk zijn; ik heb er sinds heel kort eentje in mijn bezit, maar heb hem nog niet uitgeprobeerd. Ik hoor er echter schitterende dingen over en ben dus superbenieuwd naar wat het gaat geven. Ik heb deze week zelfs een dagje thuiswerk ingepland, omdat ik het toch nog niet meteen aandurf om een nieuw apparaat uren aan te laten staan zonder dat ik in de buurt ben. Naar het schijnt is dat in principe echter niet nodig en je zou dus perfect ’s morgens al een hoop ingrediënten in je toestel kunnen mieteren en ’s avonds thuiskomen in een huis dat geurt naar zalige stoofpotjes. We gaan hier alvast starten met iets dat we allebei geweldig lekker vinden: stoofvlees. Met verse ovenfrietjes (heel simpel: frieten snijden, afspoelen en droogdeppen, een koffielepel (echt niet meer!) olijfolie onder al die frieten mengen en op de bakplaat ca. 30 minuten op een temperatuur van 200°. Je moet alleen regelmatig de boel eens omrommelen, zodat de frietjes niet aan je bakplaat blijven kleven en zodat alle kanten van de frietjes ook lekker kunnen kleuren en iets van krokantheid kunnen krijgen. Een echte winner hier! Wij wisselen dat trouwens af met deze ovenpatatjes, al lijken die me nu wel minder geschikt voor bij stoofvlees.

Deze week eten wij hier voor de rest ook nog eens pompoenrisotto. Ik volg het poepsimpele recept van Jeroen Meus, die zegt dat je niet – vooral niet! – mag roeren. Gewoon de rijst bakken, er de nodige dosis vocht bijgooien en dan rustig laten doen. Hoe kan dat nu mislopen? Ik gebruik het recept van Jeroen en spiek elders even wanneer ik de groenten moet toevoegen. Behalve dat zo’n pompoen snijden wat lastig kan zijn, is het echt snel klaar. Donderdag staat er dan weer een nieuw probeersel op het menu met snijbonen en biefstuk. Volgens het recept duurt het alvast minder dan dertig minuten, dat moeten we dan toch eens uitproberen.

Dinsdag gaan we voor iets héél snels en simpels, gewoon omdat ik heel laat thuis ga zijn en mijn lief daarna nog moet gaan tennissen. Geen tijd voor keukenexploten dus. Daarom ... een hamburger. Jep, gewoon een kippenhamburger bakken, daar wat gesnipperde ajuin bijgooien en dat alles tussen een gekocht hamburgerbroodje. Dat je nog wel vlug even in de broodrooster hebt gestopt. Sauzen of groentjes kunnen natuurlijk nog naar keuze toegevoegd worden.

Voilà. Zo weten jullie dan alvast wat wij hier fabriceren. Een paar succesreceptjes, een paar probeersels, meer moet dat niet zijn!

Ik schreef deze post overigens in het kader van #boostyourpositivity naar een opdracht van Oontje.

vrijdag 6 februari 2015

Brief aan mijn zestienjarige zelf. #boostyourpositivity

Lieve Upje,

Je bent zestien en voelt je vis noch vlees. Je mist het dartele en onbezorgde van je leeftijdsgenoten, maar je voelt je totaal nog niet klaar voor zelfstandigheid of grootse dingen. Je hebt dus het gevoel dat je nergens bij hoort en dat je totaal uit de boot valt. Je hebt het ook niet makkelijk, hé? Je worstelt met jezelf. Je voelt je dom en stom en lelijk en ... vooral ook onbelangrijk. Als ze je later ooit vragen waarom je niet boos bent om de dingen die je zelfs nu al worden aangedaan, dan ligt de sleutel daarvan hier. Je hebt niet het gevoel dat het belangrijk is dat het jou goed gaat, hé? Waarom zou je aandacht vragen als je naar jouw gevoel beter niet op deze wereld zou rondlopen, toch? Stiekem ga je er ook van uit dat je niet bepaald oud zult worden, hé, ik weet het wel. In je hoofd heb je besloten dat je er voor je achttiende verjaardag niet meer zult zijn. Daarom vind je het ook complete onzin om nu nog goed voor jezelf te zorgen. Niemand begrijpt het, maar ik wel, lieve Up. Ik snap wel dat je diabetes niet onder controle gehouden hoeft te worden als je nooit lang genoeg zult leven om met de langetermijncomplicaties te moeten dealen. Of dat het niet uitmaakt als je ooit moet gaan solliciteren met armen vol littekens, als je niet van zin bent ooit afgestudeerd te raken en naar werk te gaan zoeken. Het leven doet je pijn en maakt je enorm verdrietig bij momenten. Niemand weet waarom, niemand weet in welke mate, maar ik zie het, meisje.

Zal ik je eens iets vertellen? Hetgeen jij al jarenlang doet, heeft een naam. De manier waarop jij omgaat met eten, de wijze waarop je je diabetes compleet verwaarloost alleen maar om gewicht te verliezen, hoe jij kijkt naar jezelf ook ... dat noemen ze een eetstoornis. Jij bént niet het probleem, maar je hebt er wel een. Een levensgroot, maar dat besef je nu nog niet. Je voelt dat er iets niet pluis is, maar het echte besef moet nog komen. Later dit jaar zal je op vakantie in een diabetische coma belanden. Zelfs dan zal je nog niet goed beseffen hoe ver je gaat in je zelfdestructie. Je zult de komende jaren iedere schoolvakantie in het ziekenhuis doorbrengen en ontelbare doktersbezoeken moeten afleggen. De pijn die je jezelf doelbewust doet, dat heeft ook een naam. Dat is niet gewoon ‘een sukkel die niet eens durft zelfmoord te plegen’, maar dat noemen ze automutileren. Het is een manier waarop mensen proberen met de te harde werkelijkheid om te gaan. Het betekent niet dat je zwak bent. Het betekent dat het allemaal te zwaar is en dat je niet voldoende ruimte vindt om daar hulp bij te vragen.

Er zijn nochtans hier en daar mensen die zien dat je niet goed in je vel zit. Je endocrinoloog, bijvoorbeeld. Het is dan ook daar dat je op een bepaald moment niet langer de schijn zult kunnen ophouden over een paar jaar. De leerkracht Nederlands, die er op haar eigen manier voor je is. Als je jezelf weer eens zo ziek hebt gemaakt dat je niet meer met de fiets naar huis kunt, brengt zij je met de wagen. Ze moedigt je aan om vaker met je stem naar buiten te treden, want ze vindt dat je zo mooi zingt. Ze hangt twee uur met jou aan de telefoon als je eigenlijk naar haar dochter belt, alleen maar omdat ze je wilt doen inzien dat je heel wat kansen zult hebben in het leven. Of de lerares Latijn bijvoorbeeld. Je zult beginnen huilen als ze je apart roept na een slechte test, omdat ze je alleen maar vertelt dat een stomme test Latijn (?!) het einde van de wereld niet is. Dat al die klasgenoten dat wel met de vingers in de neus doorkomen, maar dat ze ervan overtuigd is dat jij in het leven heel wat meer zult bereiken dan de meesten van hen. Er is ook je vriendin, waar je zo naar opkijkt. Zij dartelt door het leven, heeft een schitterend vriendje, is sportief en slank en slim. Ze voelt dat je vaak verdrietig bent. Ze wil er graag voor je zijn, maar jullie zien elkaar niet genoeg en jij bent bang deze prachtvriendin af te schrikken en zwijgt dus. Misschien is dat de enige raad die ik je zo graag wil geven, lieve Upje. Trek je mond open en vertel. Minimaliseer niet wat je allemaal overkomt, maar praat erover. Zeg wat er allemaal in je hoofd rondspookt en maak je wanhoop niet langer tot een groot geheim. Er zijn mensen die je willen helpen. Je moet hen alleen toestaan door je muren te breken. Je moet een tipje van de sluier lichten voor zij kunnen zien wat er scheelt.

Wat zou ik het heerlijk hebben gevonden als je op zestienjarige leeftijd had geweten wat ik nu weet. Dat je echt de moeite waard bent. Dat je graag gezien mag worden en dat je dat langzaamaan wel zult leren. Dat er écht een einde zal komen aan al je ellende, al zal dat nog wel heel wat jaren duren. Dat je sterk genoeg zult zijn om op eigen benen te gaan staan, intussen een studie af te werken, die eetstoornis en dat automutileren afgeleerd te krijgen en dan en passant nog even de man van je dromen aan de haak te slaan. Dat je je studie tot een goed einde zult gaan brengen, zelfs al is het in brokken en stukken. Je zult ook werk vinden, al is het niet waar je stiekem van gedroomd hebt. Vandaar ook nog een wijze raad: luister niet naar wie dan ook. De arts die zegt dat logopedie geen goed idee is vanwege geen werkzekerheid, de CLB’er die zegt dat je geen psychologie kunt gaan doen omdat je nooit een wiskunderichting hebt gevolgd, je vader die muziek afraadt omdat alleen de állerbesten het daarin kunnen maken, ... Luister naar je hart.

Voor nu zeg ik je alleen nog dit: ik houd je vast. Zo hard als jij nu probeert jezelf kapot te krijgen, zo hard wil ik je op dit kleine moment laten voelen dat dat iemand zijn armen om je heen slaat en er voor je is. Omdat jij het waard bent. Nu, vroeger, in de toekomst. Altijd. Je zúlt veranderen, maar vergeet dat gewoon nooit. De prachtige kern van wie je bent en zult worden is er al. Je strijd naar een normaal en gezond leven zal voor de rest zorgen. De combinatie zal je tot een fijn en sterk persoon maken.

Succes, Uppie. Spring maar op de rollercoaster, want hij brengt je naar een fijne plek!

Dikke zoen,
De oudere versie van jezelf

 Deze post kadert in het project #boostyourpositivity – week 1: Inner & Self.

zaterdag 31 januari 2015

Januari.

Januari was voorlopig een maand van moeheid. De oude vertrouwde allesoverheersende vermoeidheid was er weer en maakte dat ik niet meer schreef. Ik ging naar mijn werk, zorgde voor ons patatje, probeerde het huishouden draaiend te houden en dat was het dan. Veel internetten was er niet bij, lezen al helemaal niet en grootse plannen bedenken over hoe ik mijn kot ging reorganiseren nog minder. Het was daarnaast ook een maand van feestjes. Op eenzelfde weekend een familiefeest en een doop/verjaardags/nieuwjaarsfeestje was wat veel van het goede. Het weekend erna deden we het echter nog eens over met een andere verjaardag en ‘gewoon gezellig samenzijn’. De echtgenoot en ik trokken ook eens naar de cinema, terwijl Kasper opgevangen werd door zijn meter. Ik begon ijverig aan mijn goed voornemen van nieuwe recepten uit te proberen en maakte in dat kader al pompoenrisotto (volgens een combinatie van twee recepten), gevulde courgette en tomaat, mexicaanse rijst, witloofsoep en knolseldersoep met pastinaak en wortel. Na een kotsende echtgenoot en een zwaar hoestende zoon vreesde ik dat deel II van de maand meer op een ziekenboeg zou lijken. We deden ons best om het niet zo ver te laten komen, maar er volgde ook nog een dubbele oorontsteking (de zoon), een verkoudheid met lichte koorts (de echtgenoot) en iets wat door de dokter werd gecategoriseerd als “ofwel griep, of anders een urineweginfectie met daarbovenop een fikse verkoudheid” (ik). Uch. Enfin, we leven nog allemaal, da’s het belangrijkste, zeker? Er stond verder nog eens een cinemabezoekje op het menu, een eerste verjaardag en een feestje daarrond. Om het helemaal zot te maken, logeerde de zoon ook nog eens bij zijn moeke en trokken de echtgenoot en ikzelf naar Breda voor een cabaretvoorstelling. Tweejaarlijks terugkerend fenomeen, iets waar we al héél lang naar uitkeken. Hoewel ik nog steeds doodmoe ben en ik stiekem al heel erg droom van lente, zonnestralen en hopelijk meer energie daardoor, denk ik dat we moeten concluderen dat het een fijne maand was!

woensdag 28 januari 2015

Eén jaar.

Lieve, lieve Kasper,

Om 09u52 vanochtend was het exact een jaar geleden dat jij in ons leven kwam. Alles werd overhoop gehaald, je vader en ik wisten soms niet meer van welk hout pijlen maken, maar het was wél altijd duidelijk dat we ervoor zouden gaan. Er alles aan doen om van jou een gelukkig kereltje te maken, bijvoorbeeld. Je in de mate van het mogelijke proberen te helpen als er obstakels zouden zijn. Manieren te zoeken om jou vlot te laten ontwikkelen.

Hoewel er heel wat moeilijke maanden waren, kunnen we nu na dit jaar niet anders dan zeggen: wauw. Wat een heerlijkheid om zo’n kind in huis te hebben. Je bent een levendig manneke, een nieuwsgierig monster en je wilt altijd maar vooruit.

Een tijdje geleden vermoedden we dat je op je eerste verjaardag wel zou kunnen stappen. Dat is niet het geval, maar we zien je wel beetje bij beetje die richting uitgroeien. Je trippelt geweldig snel rond de tafel, je trekt je overal recht en maakt een waar klimparcours van tafelpoten, schuiven en stoelen, met af en toe ons been als link. Als mama en papa je elk een handje geven, dan stap je ook keiflink en supervlug naar waar wij je willen krijgen en je begint het precies ook leuk te vinden. We komen er wel, hé makker.

Het is wel duidelijk dat je een voorzichtig kindje bent. De meeste baby’s die zich optrekken, laten zich dan daarna gewoon op hun poep vallen. Niet jij. Het heeft een hele tijd geduurd dat je dus niet meer naar beneden geraakte. Nu doe je dat wél, en vlotjes, maar jij laat je heel voorzichtig naar je knietjes zakken. Ook als je toch al eens valt, doe je dat heel sierlijk en voorzichtig.

Deze laatste maand was ook weer heel erg fijn. In de kerstvakantie gedroeg je je formidabel op alle mogelijke feestjes en ook bij de grootouders liep alles op rolletjes. Waar we een beetje bang waren dat je terug aan de crèche zou moeten wennen en dat de goeie periode daar al voorbij zou zijn, deed je het gewoon fantastisch. “Het is echt een ander kind”, zeggen ze daar en “we hebben er totaal geen last meer mee”. Je speelt er flink, je slaapt mee in de slaapkamer met de grote kindjes, je windt iedereen om je vingertje met je zalig lachje en met je knuffels ... Jep, je knuffelt de verzorgsters superhard als ik je ga afzetten. Heerlijk. Eten is helaas vaak niet zo’n succes, maar zo lang je daar niet geweldig lastig van wordt, is het nu ook niet zo’n ramp, zeker .. .

De laatste tijd geef je ook steeds vaker dingen aan mama en papa. Soms als we het vragen: “Geef eens je blokje aan papa? Geef je boekje eens aan mama?”, maar steeds vaker ook uit jezelf. Het nieuwste is zelfs dat je ons je tutje schenkt, wie had dat ooit gedacht! Soms vind je het zelfs nodig om dat echt in onze mond te stoppen ... Geweldig lief, maar dat hoeft toch niet echt. ;-)

Sinds ik je boekjes in een kast op jouw hoogte heb gelegd, ga je steeds vaker zelf een boekje uitkiezen en sleep je dat kruipend helemaal mee en komt het dan geven. De boodschap is uiteraard duidelijk: “Lezen, moeder!” Hoewel ik de boekjes intussen volledig uit het hoofd ken en ik de brulgeluiden van de beer en de leeuw en het gepiep van de muisjes of het gelach van de eekhoorns zelfs stiekem al wel wat zat ben, doe ik het graag voor jou. Omdat ik zié dat je ervan geniet.

Je was de laatste weken wel weer regelmatig ziek. Iets maag-darmachtig, weer een hoestepisode, vorig weekend en begin deze week dan weer hoge koorts als gevolg van een oorontsteking. Het slapen was dus weer heel wat minder, maar voor de rest hebben we eigenlijk geen last gehad met jou. Ik hoop dat dit nog een tijdje mag blijven duren, lieve schat.

Het enige waar mama zich soms zorgen over maakt, is je eten. Je hebt meestal al niet veel reserves, en dan weiger je sinds een tijdje meestal één van je twee papjes. Je flessen gaan goed binnen, boterhammen schrok je ook met veel overtuiging op, maar die groenten en fruit ... da’s minder. Ik doe altijd mijn best om je vers gerief te bezorgen, maar dan weiger je gewoon categoriek om het op te eten. Sympathiek, hoor! En eigenlijk is het de bedoeling dat jij stilletjesaan toch grotere stukken gaat eten, maar je weigert dat gewoon. Een stuk banaan, waarom zou je dat nu in je mond stoppen? Of een partje mandarijn? Alles gaat in dat mondje, maar het eten dan weer niet. Een gekookt reepje wortel, wat is dat voor iets engs? Ik heb de indruk dat je de textuur ervan in je handje maar niks vindt, maar het lijkt me dan weer wat vroeg om met mes en vork te eten. Kan je van dat eten alsjeblieft toch weer eens wat werk maken, mooie jongen?

In januari hebben we al heel veel gefeest. Kerstfeestje hier, nieuwjaarsfeestje daar, verjaardag van vriendje R enerzijds (met je eerste keer een half lepeltje taart!) en de verjaardag van neefje A (die zijn taart vond je minder lekker), en zaterdag zullen we ook voor jouw verjaardag vieren. Je familie en meter en peter komen allemaal naar ons huisje voor een stukje taart, misschien ook wel om je een cadeautje te geven en vooral om te laten zien hoe blij ze zijn dat jij in ons leven bent gekomen. Vandaag ben je bij opa, die heel zijn appartement had versierd met slingers en ballonnen, alleen maar omdat jij kwam. We zien je graag, venteke. Niet alleen wij, maar iedereen om je heen. Dat getuigen de smssen die ik hier krijg, de telefoontjes waarbij plots een hele familie in gezang uitbarst (dat jij hier niet bij mij bent momenteel, is blijkbaar onbelangrijk :P) en de kaartjes die de afgelopen dagen al binnenstroomden.

Op naar het volgende jaar. Eentje waarin je normaal gezien zal gaan lopen en beginnen praten (oh, wat kijk ik daarnaar uit), eentje waarin we onze samenspeelskills waarschijnlijk fel gaan uitbreiden en eentje waarin we je vermoedelijk zullen zien uitgroeien tot een ongeduldige peuter. Laat maar komen! ;-)

Gelukkige verjaardag, Kasperito ...

Dikke zoen,
je mama

woensdag 21 januari 2015

De doodgewone dingen.

“Ik heb een nieuwe favoriete rubriek in de krant. Het coolste is: het is mijn rubriekje. In “Doodgewone dingen” in De Standaard Magazine mag ik sinds vorige zaterdag mensen vragen naar de dingen die hun hart doen zingen.”, schreef Lilith. Geef toe, na zulke woorden is het onmogelijk om daarna te weerstaan aan haar oproep om ook je lijstje van doodgewone dingen te delen, niet? Dat vonden duidelijk heel wat anderen met mij, getuige blogland dat door gelijkaardige postjes wordt overspoeld.

Mijn hart zingt van een heleboel dingen, zoals onder andere:
 
·        douchen als er niemand thuis is. Zo lang ik wil, zo heet ik wil, zo half slapend als ik wil. En nadien nog even in bed kruipen.

·        een grote kom warme soep, een dikke, donkerbruine boterham en goei boter. Liefst ergens in een taverne.

·        een idee opperen en merken dat mensen er ook iets mee gaan doen

·        naar Dagelijkse Kost kijken

·        met het lief aan de telefoon hangen en allebei niet meer kunnen praten van het lachen. Meestal omwille van een grote stommiteit.

·        bij het in slaap vallen altijd met één lichaamsdeel tegen elkaar liggen

·        de eerste keer dat je zonder jas op je fiets zit in de lente. Het is nog nét te koud, maar dat geeft niet, want het is ein-de-lijk lente!

·        aan de kaaien zit op een zomerdag

·        de glunderende blik van de echtgenoot als hij de zoon in zijn Ramones-truitje ziet

·        ’s morgens de tijd vinden om een lunch te prepareren en daar dan de hele voormiddag naar uitkijken

·        een nieuw gerecht uitproberen en de extreem strenge jury die dan zegt: “Ja, dat is wel lekker!”

·        ongecompliceerd zingen samen met mijn zus, terwijl mijn vader ons begeleidt op de piano. Het zijn altijd zichtlezingen en ze zijn meestal extreem uitdagend, we doen ook altijd sessies van minimaal vier of vijf uur, maar ik ben altijd zo blij als ik achteraf compleet dood onderweg ben naar huis.

·        de geur van vers gepelde mandarijntjes

·        een steenharde peer eten

·        een ontbijtbuffet op hotel waar ook fruitsla te vinden is

·        vers geraspte worteltjes

·        een vriendin die zélf vraagt om nog eens met mij af te spreken

·        twee hoogbejaarde mensen die nog steeds hand in hand lopen

·        heel moe zijn en dan mijn hoofd op de borstkast van de echtgenoot kunnen vleien

·        een weekmenu opstellen, er zelf enthousiast van worden én het helemaal uitvoeren

·        combinerend koken (groentepap voor de zoon, mijn eigen lunch, intussen al snel een eitje koken voor een ander moment, etc etc)