Over Upje.

Follow by Email

zaterdag 18 april 2015

Losse flarden.

Het is hier hectisch, ik ben moe en ziektekiemen maken het ons weer moeilijk. De zin om te bloggen is er vaak wel, maar de energie om er ook een samenhangend geheel van te maken, die ontbreekt. Daarom zal ik op zulke momenten eens wat vaker gewoon wat hersenspinsels neerschrijven. Losse flarden.

Ontaarde ouders zijn wij, jong. We doen onze best om braaf Kasper zijn tandjes te poetsen, maar helaas schiet dat er ook wel regelmatig bij in. Na de dolle periode waar we net zijn doorgegaan, kan het dus zomaar zijn dat we het al eventjes niet meer hebben gedaan. Daarstraks stond dat kind te lachen en plots riep ik: “Huh, heeft die nu ineens drié tanden vanonder?!” Het ging niet over een wit randje dat door dat tandvlees kwam piepen, hé ... Nope, meteen een volledige tand. Dat is dus niet iets van de laatste paar dagen. De echtgenoot lag strijk en wilde dat mondje wel eens inspecteren. Wat spotte hij linksonder? Een kies! En wij hebben dat niet gemerkt, hé! We zagen nog twee boventanden klaarzitten en onderaan ook nog eentje. We namen ons nogmaals voor om het kind zijn tanden gewoon iedere dag te poetsen, geen excuus. Alleen haat meneertje het om zijn mond daarvoor open te doen, dus dat is niet meteen een pretervaring. Jammer. Vanaf nu zal hij eraan geloven. Drie nieuwe tanden die wij gewoon niet hadden opgemerkt ... het is een schande! [Ik schreef dit al even geleden en intussen doen we het zowaar iedere dag!]

Ik heb het helemaal gehad met al dat fanatisme van tegenwoordig. Pro of anti borstvoeding, moet je je kind voederen à la rapley, leg je een kind regeltjes op of laat je het compleet vrij, moet het alleen slapen of juist zo lang mogelijk bij mama en papa, ... . Op politiek vlak word ik al helemaal onnozel van alle meningen. Waar zijn de gematigden naartoe? Waarom is het blijkbaar verboden om voor een partij te stemmen, maar hier en daar toch een nuance te willen plaatsen en het dus niet met álles eens te zijn? Sinds wanneer is het nodig om mensen te veroordelen op basis van hun politieke voorkeur? Van mij mag iedereen doen wat hij wilt, zo lang het maar is met respect voor anderen en zo lang je met je meningen of gedragingen anderen geen schade berokkent.

Familie-etentjes plannen wordt moeilijk tegenwoordig. Als we voor een lunch willen gaan, hebben de kinderlozen bezwaar dat ze te vroeg moeten opstaan of dat ze moeten opstaan en meteen voor een warme maaltijd moeten aanschuiven. Kiezen we voor ’s avonds samen eten, dan moeten wij zo snel mogelijk naar huis hollen, want Kasper moet om zeven uur toch echt in bed liggen (dat is zelfs al laat).

Ik heb zonet een bestelling geplaatst voor twee paar schoentjes voor de zoon. Ik deed dat bij hippeschoentjes.be, omdat ik had gehoord dat je daar heel precies kon bepalen welke maat je nodig hebt. Lekker handig, want ik zag het niet helemaal goedkomen om meneertje te moeten meenemen en dan overal tien paar te moeten gaan passen. Ik was eigenlijk van plan om met die schoenen te wachten tot hij echt zou stappen, want naar het schijnt leren ze beter hun evenwicht houden op blote voeten/antislipsokken. Ik vond dat altijd logisch klinken, maar nu wordt het toch echt tijd, heb ik het gevoel. Om te beginnen heeft dat kind nog nooit meer dan kousen aan zijn voeten gehad en zal hij dus sowieso moeten wennen aan dat gevoel. Daarnaast kan hij op deze manier bijvoorbeeld op verplaatsing ook al eens een beetje oefenen met stappen (hij begint het steeds beter te kunnen aan één vinger). Bon, mijn portemonnee is een heel stuk lichter na deze bestelling. Ik hoop dat zijn voeten nu niet volgende week plots een groeispurt krijgen.

Na de bevalling kreeg ik plots van verschillende mensen te horen dat mijn haar veel donkerder was geworden. Ik kon niet anders dan dat beamen, maar echt blij was ik er toch niet mee. “Dan moet je het laten kleuren, hé”, grapte de echtgenoot. Wel, aanstaande vrijdag is het zo ver. Waarschijnlijk wordt het gewoon een balayage, ga ik iéts lichter dan mijn huidige kleur, maar toch. Ik ben al helemaal zenuwachtig, want ik weet dat mijn familie helemaal tegen is. Jammer dan, ik ben oud en wijs genoeg om dat helemaal zelf te belissen. Toch hoop ik dat het resultaat gewoon tof gaat zijn en dat het anderzijds toch niet zo hard opvalt dat ze het hard zien en er dus veel commentaar op gaan leveren. :P

Nog een paar dagen werken en dan heb ik een weekje vrij. Mijn God, wat kijk ik daarnaar uit! Kasper volgt gewoon zijn normale weekroutine, de echtgenoot gaat werken en ik blijf op mijn dooie eentje thuis. Ik heb één dag propvol gepland met dingen die al veel te lang uitgesteld waren, daarnaast dan nog dat kappersbezoekje, maar verder doe ik ook he-le-maal niks. Een beetje slapen, wat op het gemak koken, hier en daar eens een klusje doen dat al veel te lang ligt te wachten ... . Is het al zover?

dinsdag 14 april 2015

Van Z tot A. En terug?

De zon schijnt en dan krijgt een mens weer heel even instant energie. Met een yoghurtje in het zonnetje zitten, zelfs al is het achter glas, dat is gewoon de max! (OK, dat is valsspelen, ik weet het, maar ik zou niet weten welk woord ik met deze letter kan kiezen.) Het is broodnodig, die extra energie, want het is de laatste tijd weer heel erg. De laatste weken lijkt mijn geheugen een zeef, mijn brein is één wollige massa, waar helaas niet veel mee aan te vangen valt. Ik maak fouten bij de vleet en het is een uitzondering als ik meteen mee ben met ingewikkelde of nieuwe zaken. Ik vind dat verschrikkelijk, want zo ben ik totaal niet! Normaal ga ik heel secuur te werk en probeer ik heel proactief te werk te gaan. Momenteel is het echt triest ... Er zijn natuurlijk verschillende redenen voor mijn huidige toestand. Aanhoudende ziektes bij alle gezinsleden, de onmogelijkheid om verlof te nemen al sinds midden december, een ontzettend hoge werkdruk en ook daarbuiten heel veel aan mijn hoofd. Op kantoor proberen we er de sfeer nog wat in te houden door af en toe eens een dol plan uit te voeren. Afgelopen vrijdag zaten we bijvoorbeeld in de Quick te genieten van een sappige hamburger met een select, maar fijn gezelschap. Met de naaste collega’s proberen we de juiste mix te vinden tussen niet te hard zagen, maar toch de ruimte laten om het hart op tijd en stond eens te luchten. Een moeilijk evenwicht ...

Thuis ben ik vooral ongeduldig, tot mijn grote schaamte. Ik zit maar te wachten tot meneer Kasper eindelijk eens wenst te gaan stappen! Ik ga ervan uit dat hij dat wel zal kunnen, maar al sinds hij tien maanden was, zei iedereen dat hij er snel mee weg zou zijn. Intussen zijn we vier en een halve maand verder, maar meneertje durft niet. Alleen staan? Nee! Aan één handje stappen? Nog maar heel recent en alleen als hij daar zin in heeft. Hij heeft duidelijk door hoe hij mama’s geduld op de proef kan stellen. Leren praten, dat is ook zo iets waar ik heel hard naar uitkijk. Hij zegt natuurlijk ‘mama’ en ‘papa’ en daarnaast ook ‘tut’ en ‘bupa’ (=bumba). Hij herhaalt wel veel wat wij zeggen (kip, nam nam, bal, boek, hij aapt aapjes na als hij er eentje ziet), maar hij zal het nooit uit zichzelf zeggen. Hij roept ook heel vaak ‘tita’, maar dat moet wel een allesomvattend begrip zijn precies. Hij wijst dan en roept ‘tita’, maar wat hij ermee bedoelt?! Hij wordt heel erg kwaad als we dat dan niet begrijpen. Vandaar dat ik vind hij maar gewoon de woorden moet leren zeggen, niet? ;-)

Verder is de zoon momenteel wel een heerlijk jongetje. Hij geeft kusjes (met lekker veel kwijl), hij trapt iedere keer in de val als we hem ‘handjes draaien’ laten doen bij het verversen van de pamper, hij wordt dolenthousiast als je meespeelt met de ballon en hij verzint nu ook echt zelf spelletjes. Vliegensvlug rond de papa kruipen en daarbij iedere keer je hoofd stoten aan de pianostoel, bijvoorbeeld. Mama’s haar kammen, piano spelen (euh, de toetsen stevig bekloppen), tutjes uitdelen, gsm’s pakken en eisen dat bumba erop wordt afgespeeld, ... Intussen hebben moeder en vader nog eens een babysit gezocht, zodat ze volgend weekend nog eens met zijn tweetjes naar de film kunnen. Als meneer toch zo goed gezind is, durven we dat wel aan. Hopelijk niet onterecht! Ik ga er in ieder geval heel erg van genieten!

Intussen zijn we ten huize Up toch eindelijk eens in gang geschoten om de fauna en flora in orde te krijgen. Lees: we hebben iemand gebeld voor een offerte om onze tuin te laten heraanleggen. Nieuw terras, nieuw gras, vanachter alles klaar maken om een tuinhuis te kunnen zetten, ... . De offerte is al een tijdje binnen *slik*, alleen ontbreekt het gedeelte gras aanleggen. Toch wel een belangrijk detail in een tuin, lijkt me. Ik heb ook een telefoonnummer van een tweede bedrijf, maar we moeten nog eens de moed verzamelen om daar dan ook maar weer naar te bellen. Het is jammer dat zowel de echtgenoot als ikzelf dit soort dingen echt haten!

De afgelopen weken heb ik door de pure vermoeidheid al wel wat stoten uitgehaald. Ik belde naar de dokter voor een afspraak, moest mijn geboortedatum zeggen en pitste er zomaar even vijf jaar af. Ik zei dus 87’ in plaats van ’82. Ik kan het wel hopen, maar voorlopig lijkt me dat toch niet helemaal mogelijk. ;-) Ik stond in de keuken vanalles te fabriceren en verbrandde mijn hand stevig. Drie dagen later deed ik dat grapje nog eens over. Op een sociale netwerksite van het werk zocht ik eens uit hoe het allemaal in zijn werk ging en ik typte een paar namen van collega’s in. De bedoeling was van gewoon eens te kijken, maar plots kregen ze allemaal uitnodigen van mij en werden ze door dat systeem bestookt met e-mails. Oeps! Daarnaast zijn er natuurlijk nog alle kleine vergeetachtigheden: naar de winkel gaan voor iets specifieks en met vanalles terugkomen, maar niet dat. Aankomen op het werk en constateren dat je de ontvanger van je sensor niet bijhebt, en uiteindelijk naar je schoonmoeder moeten bellen om te vragen of die eens in je bed kan gaan kijken of het ding daar niet ligt en het dan te komen brengen ... .

Amai, dat was hier verdorie nog niet simpel om een hele uitleg te doen en daarin woorden met alle letters van het alfabet te verwerken! Ik deed dit naar het voorbeeld van shoutyourheartout, die het deed van A tot Z. Hier was het dus Z tot A. En hopelijk zijn we hiermee toch weer vertrokken voor een iets regelmatiger blogpatroon!

donderdag 26 februari 2015

Relax, baby, relax. #boostyourpositivity

Ik kan dat dus niet, relaxen. Het lijkt alsof ik altijd ontspannen ben, in eender welke stressvolle situatie ook. Op mijn werk bewonderen collega’s mij daarvoor en ik krijg het al ieder jaar op mijn performance review te horen als positief punt. In werkelijkheid is echter niets minder waar. Ik ben een stresskieken, maar eentje dat het goed kan wegsteken. Mijn spieren zijn voortdurend gespannen, maar vooral gaat mijn hoofd nooit uit. Dat is ook het grote probleem: daarom is eens écht relaxen nooit aan de orde.

Ik zou wel graag een bad nemen, maar dan dwaalt mijn hoofd weer af naar de zesduizend dingen die ik nog moet doen en dan wil ik eigenlijk hier en nu uit het water stappen om aan die to-do lijst te beginnen. Een heerlijk boek lezen, dat is iets dat me wel volledig uit de dagelijkse rompslomp kan halen. Ik kan daar écht van genieten. Helaas is het me de laatste twee jaar ofzo nauwelijks nog gelukt. Boeken moeten lezen in kleine stukjes, dat bevordert mijn leesgenot niet en zorgt er dus ook voor dat ik niet meer meegezogen word in het verhaal. Weg ontsnappingsroute. “En muziek dan?”, hoor ik de trouwe lezer al denken. Mja. Ik doe dat ontzettend graag en ik geniet er wel van om op een podium te staan en met schitterende muzikanten te mogen samenwerken, maar het is ook iedere keer weer stress voor mij. Ik heb voortdurend het gevoel dat ik er eigenlijk niet op mijn plaats ben; ik wéét niet hoe de Matthäuspassie gaat, ik kan je niet zeggen welke werken ik ooit in mijn leven al heb gezongen, ik heb werkelijk geen idéé wat de meest indrukwekkende aria’s zijn voor sopranen en ik ken geen namen van artiesten of dirigenten. Bovendien hebben bijna al mijn koorgenoten er een heuse zanglescarrière opzitten, waardoor ik dus steeds het gevoel heb dat ik alleen maar ‘per ongeluk’ door de auditie ben geraakt. Daarom is elke repetitie stress, want ik heb het gevoel dat ik me moet bewijzen. Iedere uitvoering idem, want in gesprekken zou ik zomaar door de mand kunnen vallen als compleet onwetende. Leuk? Absoluut. Pure ontspanning en relaxen? Bwaaaaah. Not so much. Sporten werkt écht niet voor mij, want ik haat het met elke vezel van mijn lijf. Zo sóms kan ik compleet ontspannen als ik met een vriendin uit eten ga. Alleen is er altijd zo veel geregel voor we daartoe komen en zoveel gedoe om er dan vervoersgewijs te geraken ... .

Het resultaat spreekt natuurlijk voor zich. Dat ik aan de bloeddrukpillen zit op mijn tweeëndertigste, da’s nog het minste. Dat mensen doordat ik er zo relaxed uitzie mij altijd maar meer op mijn bord duwen, dat is een ander neveneffect. Dat ik altijd en altijd moe ben, dat vind ik al heel wat minder lollig. Dezer dagen is het weer heel erg, dus kan ik niet anders dan mij ’s avonds een dekentje te nemen, een berg kussens in de zetel te installeren en wat naar de tv te staren en te slapen. Dat is ook het enige dat kan zorgen dat ik kan volhouden. Slapen, slapen en nog eens slapen. Wat ik dan weer jammer vind, want gedurende al die tijd dat ik lig te ronken zou er zoveel werk verzet kunnen worden, zou ik zoveel léuke dingen kunnen doen ook, zou ik ... zoveel.

Ik doe mijn best om mijn hoofd een halt toe te roepen, om honderdeneen gedachten om te buigen en om mezelf te overtuigen alle twijfels en angsten opzij te zetten. Maar wist je hoeveel energie dat vraagt? Hoe het alles zoveel meer beladen maakt?

Er is in ieder geval werk aan de winkel. Zoeken wat mij wél echt kan ontspannen en er werk van maken. Misschien krijg ik dan weer méér energie om alle verplichte dingen te blijven doen. Stel je zomaar eens voor...

donderdag 19 februari 2015

Shortcuts. #boostyourpositivity


Of we even wilden beschrijven wat wij deden om de boeldraaiende te houden, schreef ze. Een soort van ‘shortcuts' dus. Mwoeha, draaiende? Vierkant dan toch in ons geval, dacht ik meteen. Ik heb voortdurend het gevoel dat ik achter de feiten aanhol, dat mijn huis een stort is en dat ik nooit verder kom dan de dagelijkse brandjes blussen. Ik ben geen geweldige huisvrouw, dat is zeker. Ik geniet er nog veel minder van. Toch verschijnen wij doorgaans wel waar we verwacht worden – én op tijd!, hebben we iedere dag propere kleren aan en komen we niet om van de honger. Bovendien kunnen mensen ook nog in een fatsoenlijk huis binnenstappen als ze een half uurtje op voorhand ofzo hebben laten weten dat ze zouden komen. Er moet érgens dus toch iets van systeem inzitten, lijkt me. En jawel, hoor ...

·        Om te beginnen hebben we natuurlijk ons weekmenu, waar ik eerder al over schreef. Soms slabakken we een beetje, maar dan loopt het ook meteen in het honderd. Dan moeten we tussendoor nog drie keer naar de winkel, zitten we als avondmaal corn flakes te eten of eindigen we bij ongezonde brol. Dat zorgt voor stress, maakt ons slechtgezind, dus dat vermijden we toch liever. Leve het weekmenu dus! Op donderdag denk ik na over wat we allemaal zouden kunnen eten, ik stuur mijn lijstje door naar de echtgenoot ter goedkeuring en op vrijdag maken we dan een boodschappenlijstje. Uiteraard loopt er hier en daar nog wel eens iets mis, maar over de grote lijn lukt het ons om het eetgebeuren op deze manier te laten lopen.

·        Dat boodschappenlijstje stellen we op logische wijze op. In de winkel kom je eerst bij de groenten en fruit, dus die zetten we samen als eerste op de lijst. Daarna arriveren we bij het vlees, dus dat staat gegroepeerd als volgende. Daarna brood en melkproducten en ... . Works like a charm en we hoeven niet aan het eind van de winkel verschrikt te constateren dat we halverwege ergens een item op het briefje over het hoofd gezien hebben.

·        Bij dat bewuste weekmenu maak ik ook al handig gebruik van een tweede puntje op de lijst: agenda’s. Zowel de echtgenoot als ik hebben een gmailaccount en we gebruiken de agenda’s daarvan op onze smartphone. Ik kan ook die van mijn lief zijn, hij die van mij, dus we komen normaal gezien niet voor verrassingen te staan. Als ik mijn weekmenu plan, kijk ik dus ook eerst of er geen doktersafspraken of andere uitjes op het programma staan. Veel tijd? Laat je dan volledig gaan. Geen tijd? Grijp terug naar diepvriesporties of hier en daar zelfs eens prefab-eten uit de supermarkt. Heel handig! Door onze agenda's ook aan elkaar te linken, hoef ik me dus nooit af te vragen of de echtgenoot wel op Kasper kan letten terwijl ik met een vriendin bijklets, ik moet niet meer telkens tegen mijn artsen zeggen “euh, ik dénk wel dat het gaat lukken, maar ik moet even verifiëren met mijn man”. Ik zié wat er te doen valt en alles wat niet in de agenda staat, dat telt gewoon niet. Easy. ;-) Er staat ook in wanneer Kasper naar oma gaat, wanneer de grootouders op vakantie zijn, wanneer de crèche dicht is en welke vervangoppas we dan ‘geboekt’ hebben.

·        Mijn telefoon is ook voor andere dingen geweldig handig. Ik moet tegenwoordig al een hele dosis pillen nemen per dag, maar in de drukte van het leven schiet dat er zo soms al eens over. Het is niet dat ik dat niet wil doen, maar ik denk dan “ja, direct”. Maar we weten allemaal hoe dat dan uiteindelijk afloopt ... . Daarom heb ik nu al een tijdje een app die me daarbij helpt; medisafe. Je voert in welke medicatie je allemaal moet nemen en in welke hoeveelheden, je zet op welke uren je dat het best zou doen en iedere dag laat dat ding je weten dat het tijd is voor je pillen. Intussen heb ik mezelf ook zo ver van dat alarm desnoods te snoozen, maar niét af te zetten voordat ik de hele handel uiteindelijk binnen heb.

·        Voor diezelfde pillen is er ook nog een ander handig hulpmiddel: een pillendoos! Ik voelde me wel even vijfentachtig toen ik ernaar vroeg in de apotheek, maar ik denk dat het me wel kan helpen. Ondanks de app wil het namelijk toch al eens gebeuren dat ik achteraf denk: “Heb ik dat nu écht genomen? Of ben ik alleen naar de kast gestapt met die inténtie en werd ik uiteindelijk zo afgeleid dat ik iets helemaal anders ging doen?” Ja, dat gebeurt echt, en na de laatste keer was ik het dus echt zat. Ik heb nu mijn doosjes met de namen van dagen erop en met een vakje per tijdstip en zo kan ik dus ook altijd zien of ik ze al binnen heb of niet. Ik denk dat het me veel hoofdbreken zal sparen.

·        Strijken en poetsen, dat zijn dus dingen die ik echt haat. Alleen al de gedachte van mijn huis te moeten gaan schoonmaken volstaat om slechtgezind te worden. Strijken idem. We hebben beide taken dus uitbesteed en dat is heerlijk. Het maximum aan wat we nog eens zelf moeten doen is een stofzuiger nemen of één enkel kledingstuk strijken omdat we nu net persé dat willen aandoen, terwijl er nog tien andere stuks klaarliggen. We hebben dan nog het geluk dat we er niet voor hoeven te betalen, maar de dag dat onze huidige hulp ermee ophoudt, dan beginnen we meteen met een betaalde poetsvrouw te zoeken. Dat is zeker.

·        Opruimen, dat is natuurlijk iets dat we toch echt zelf moeten doen. Ik vind het verbazend te zien hoe al die spullen altijd maar ergens terechtkomen waar ze niet horen ... dus proberen we daar iets aan te doen. Het zou een beetje dwaas zijn om telkens voor één dingetje naar boven of beneden te trekken, dus we groeperen dat een beetje. Ik zet een delhaizezak in de gang en daar gooi ik af en toe iets bij. Degene die dan met lege handen naar boven gaat, kan die al meenemen. Uitladen hoeft daarom niet meteen, maar dan is die rommel tenminste al dichter bij zijn eigen plek. Idem voor beneden, uiteraard. Op Pinterest doen ze dat allemaal met heerlijke manden en bakken, maar bij ons gebruiken we dus zakken van de delhaize, van de carrefour, van de albert heijn en hier en daar al eens een verdwaalde wasmand.

·        Iets dat soms geweldig belachelijk lijkt, maar voor mij wél erg efficiënt werkt: ik stuur mailtjes naar jezelf. “briefjes mutualiteit”, “mail zangjuf”, “bellen dokter Huppeldepup”. Een mailtje zorgt ervoor dat ik aan dat soort kleine dingetjes herinnerd wordt op het moment dat ik het moet doen. Uiteraard gebeurt het nog wel eens dat ik het over het hoofd zie of gewoon – let’s face it – te lui ben om in actie te schieten. Toch zorgt het ervoor dat ik geen zesentachtig keer per dag moet denken “oh, ik moet dokter X nog bellen!”, maar ik weet dat ik er op het juiste moment aan zal herinnerd worden. Dat laat toch al iets meer ruimte voor de honderd andere dingen die mijn aandacht vragen, want mijn warhoofd kan dat anders echt niet bijbenen.

·        Last but not least proberen we erin te krijgen dat we zoveel mogelijk dingen meteen doen. Gedaan met eten dus even snel de borden afspoelen en in de afwasmachine. De flessen van Kasper meteen naar de keuken brengen en afspoelen na gebruik. Aan iets denken dat we in de winkel moeten kopen en dat dan ook meteen op een lijstje schrijven. Een factuur met de post binnenkrijgen en ze meteen bij mijn computer leggen, zodat ik er later aan herinnerd wordt van ze dan ook meteen te betalen. Dat soort dingetjes. Ze duren allemaal zo kort, maar als je het laat liggen dan stapelt zich dat alleen maar op. Bovendien escaleert het naar mijn ervaring vaak héél vlug. Er staan nog vuile borden op tafel, dus ik smeer mijn boterham maar even rechtstreeks op de tafel en laat mijn mes ook nog liggen en straks dan eet ik nog een yoghurtje en zwier dat potje er nog wel ergens bij en ... . Of ik moet ‘ooit nog eens’ een rekening betalen en nog eentje en dan plots herinner ik me wel dat ik “recent” nog betalingen heb gedaan dus het zal wel in orde zijn ... tot ik dan natuurlijk de herinnering in mijn bus krijg. Not good.
We moeten eerlijk zijn: aan dit puntje is nog wel wat werk. Toch ben ik blij met iedere keer dat we de keuken netjes kunnen verlaten na het eten, met de keren dat we niet wéér vergeten zijn vuilniszakken te kopen of de avonden dat ik eens niét in mijn bed kruip en denk “sh*t, ik had moeten bellen naar ... “.

En voor de rest, hé mannen ... Voor de rest probeer ik gewoon tevreden te zijn met hoe het is. Hier kruipt een bijzonder rommellustig jongetje rond, dat niets anders doet dan heelder dagen alles op de grond gooien. Datzelfde ventje komt standaard aan mijn broek hangen en maakt me zonder woorden (doch eisend!) duidelijk dat hij gepakt wenst te worden, nét toevallig als ik in de keuken sta om de chaos daar aan te pakken. Ik weet niet hoe dat met jullie zit, maar afwassen met een kind op mijn heup ... niet echt iets dat me handig lijkt. En daarnaast zijn moeder en vader gewoon compleet afgepeigerd door drukke werkdagen en veel te actieve nachten (wij zouden liever slapen, you know, maar iemand denkt daar anders over), dus soms ontbreekt ons ook écht alle moed om zelfs maar vijf seconden iets te doen. I’m sorry for that. Maar ik trek het mij niet meer aan. Voilà!

Ik schreef deze post overigens in het kader van #boostyourpositivity.be naar een opdracht van Lilith.

maandag 9 februari 2015

Een weekmenu met winners en probeersels. #boostyourpositivity

Hier ten huize Up is het nog niet de zoon die het ons moeilijk maakt qua eten. Hoewel ... Meneer haalt zijn schattig neusje op voor alles wat moeder de vrouw lekker vers voor hem heeft staan prepareren en verkiest, op een goeie dag dan toch, potjesvoer. Nu weet ik ook wel dat dat absoluut niet ongezond is en dat hij daar écht niet dood van zal gaan, maar mijn arm moederhart steekt, dat verstaat ge wel. Vooral omdat ik dus van plan was om de zoon op te kweken tot het tegenbeeld van zijn vader op eetvlak. Als ik hem maar alles aanbood, zou hij zeker alles lusten. Yeah right. Die vader van die zoon, dat is eh ... een eerder slechte eter. Het gamma groentjes is geweldig beperkt, dus ik vis nogal vaak in dezelfde vijver als het op recepten zoeken aankomt. Neem daar dan nog bij dat we hier toch wat op onze lijn moeten letten en er vallen alweer heel wat heerlijke, maar vettige en kcalorierijke gerechten uit de boot. Sinds ik de weekmenu’s in het leven riep, hoef ik gelukkig niet meer iedere dág na te denken over wat we op tafel gaan toveren. Op donderdag denk ik er wat over na en op donderdagavond stuur ik mijn voorstel door naar de echtgenoot ... die dan tijd heeft tot vrijdagavond om zijn fiat te geven. Zaterdag trekken we dan met het hele gezin naar de winkel en slaan de nodige ingrediënten in om dat weekmenu te kunnen uitvoeren.

Toch ben ik wel héél benieuwd wat er allemaal geblogd gaat worden binnen de #boostyourpositivity challenge. Recepten en gerechten die snel en makkelijk klaar te maken zijn, maar je tegelijkertijd doen watertanden. Wat wilt een kook- dan wel eetlustige nog meer?

Hier zijn we in ieder geval al geweldig goed bezig de laatste weken. Het is al lang geleden dat ik gewoon aardappelen met groentjes en wat vlees op tafel zette, als ik erover nadenk. Voor zij die al schrik krijgen: ik ben echt geen keukenprinses. Ik kan eten op een lekkere manier klaarmaken, maar daar is het ook mee gezegd. Er mislukken heel vaak recepten en ik kan ook moeilijk van mijn kookboek afwijken. Hetgeen dus zal volgen, is voor iedereen goed te doen. No skills needed!

·        Tip één: nodig uzelf soms al eens uit. Bij een schoonmoeder, een vriendin, een zus of broer misschien ... maar zorg dat je minstens één keer in de week niet zelf hoeft te koken. Als dat onhaalbaar is, probeer er dan bijvoorbeeld een tweewekelijks of maandelijks event van te maken. Wij eten iedere maandag bij de schoonmoeder en dat is een geweldig gemak. Eén dag die iedere keer al vanzelf gevuld raakt op mijn weekmenu, daar zeg ik niet nee tegen! Vandaag krijgen we daar wortelstomp met kippenchipolata voorgeschoteld. Toevallig nog mijn lievelingseten ook!

·        Tip twee: schaam u niet te hard om al eens een gemakkelijke oplossing te kiezen. Afgelopen zaterdag maakte ik bijvoorbeeld een wortel-gehakttaart. Een soort quiche dus. Niet übergezond, maar altijd beter dan frieten, en bovendien geweldig lekker. Alleen zag ik er al tegenop om al die worteltjes te gaan raspen ... dus kochten we ons een zak voorgeraspte exemplaren. Dit is misschien niet zo’n topidee als je heel erg op je geld moet letten of als je gek wordt van verpakkingen omwille van het milieu, maar aan alle andere koks zou ik zeggen: gaan voor die banaan! Daardoor heeft het misschien twintig minuutjes geduurd voor ik alles in de oven kon schuiven en 25 minuten later zaten we watertandend aan tafel. Amen.

·        Tip drie: laat uw oven het werk voor u doen. Of uw slowcooker. Er zijn weinig dingen zo makkelijk als iets in de oven pleuren, het een half uurtje of langer later opstaan en er daarna lekker van te smullen. Als je kindjes huiwerk moeten maken, kan dat misschien wel perfect in de tijd die de oven nodig heeft om alles tot een wonderlijk gerecht te maken. Of misschien kan je dan eventjes ongegeneerd met de kindjes spelen. Of –dit doe ik zelf meestal – je kunt op die tijd je compleet ontplofte keuken terug tot iets propers herleiden en misschien zelfs hier en daar al wat speelgoed / rommel opruimen. Er was een tijd dat de echtgenoot en ik geen oven hadden, stel je voor. Sinds we die wél hebben, wordt die meerdere keren per week gebruikt. Oh, en over die slowcooker ... . Ik moet eerlijk zijn; ik heb er sinds heel kort eentje in mijn bezit, maar heb hem nog niet uitgeprobeerd. Ik hoor er echter schitterende dingen over en ben dus superbenieuwd naar wat het gaat geven. Ik heb deze week zelfs een dagje thuiswerk ingepland, omdat ik het toch nog niet meteen aandurf om een nieuw apparaat uren aan te laten staan zonder dat ik in de buurt ben. Naar het schijnt is dat in principe echter niet nodig en je zou dus perfect ’s morgens al een hoop ingrediënten in je toestel kunnen mieteren en ’s avonds thuiskomen in een huis dat geurt naar zalige stoofpotjes. We gaan hier alvast starten met iets dat we allebei geweldig lekker vinden: stoofvlees. Met verse ovenfrietjes (heel simpel: frieten snijden, afspoelen en droogdeppen, een koffielepel (echt niet meer!) olijfolie onder al die frieten mengen en op de bakplaat ca. 30 minuten op een temperatuur van 200°. Je moet alleen regelmatig de boel eens omrommelen, zodat de frietjes niet aan je bakplaat blijven kleven en zodat alle kanten van de frietjes ook lekker kunnen kleuren en iets van krokantheid kunnen krijgen. Een echte winner hier! Wij wisselen dat trouwens af met deze ovenpatatjes, al lijken die me nu wel minder geschikt voor bij stoofvlees.

Deze week eten wij hier voor de rest ook nog eens pompoenrisotto. Ik volg het poepsimpele recept van Jeroen Meus, die zegt dat je niet – vooral niet! – mag roeren. Gewoon de rijst bakken, er de nodige dosis vocht bijgooien en dan rustig laten doen. Hoe kan dat nu mislopen? Ik gebruik het recept van Jeroen en spiek elders even wanneer ik de groenten moet toevoegen. Behalve dat zo’n pompoen snijden wat lastig kan zijn, is het echt snel klaar. Donderdag staat er dan weer een nieuw probeersel op het menu met snijbonen en biefstuk. Volgens het recept duurt het alvast minder dan dertig minuten, dat moeten we dan toch eens uitproberen.

Dinsdag gaan we voor iets héél snels en simpels, gewoon omdat ik heel laat thuis ga zijn en mijn lief daarna nog moet gaan tennissen. Geen tijd voor keukenexploten dus. Daarom ... een hamburger. Jep, gewoon een kippenhamburger bakken, daar wat gesnipperde ajuin bijgooien en dat alles tussen een gekocht hamburgerbroodje. Dat je nog wel vlug even in de broodrooster hebt gestopt. Sauzen of groentjes kunnen natuurlijk nog naar keuze toegevoegd worden.

Voilà. Zo weten jullie dan alvast wat wij hier fabriceren. Een paar succesreceptjes, een paar probeersels, meer moet dat niet zijn!

Ik schreef deze post overigens in het kader van #boostyourpositivity naar een opdracht van Oontje.

vrijdag 6 februari 2015

Brief aan mijn zestienjarige zelf. #boostyourpositivity

Lieve Upje,

Je bent zestien en voelt je vis noch vlees. Je mist het dartele en onbezorgde van je leeftijdsgenoten, maar je voelt je totaal nog niet klaar voor zelfstandigheid of grootse dingen. Je hebt dus het gevoel dat je nergens bij hoort en dat je totaal uit de boot valt. Je hebt het ook niet makkelijk, hé? Je worstelt met jezelf. Je voelt je dom en stom en lelijk en ... vooral ook onbelangrijk. Als ze je later ooit vragen waarom je niet boos bent om de dingen die je zelfs nu al worden aangedaan, dan ligt de sleutel daarvan hier. Je hebt niet het gevoel dat het belangrijk is dat het jou goed gaat, hé? Waarom zou je aandacht vragen als je naar jouw gevoel beter niet op deze wereld zou rondlopen, toch? Stiekem ga je er ook van uit dat je niet bepaald oud zult worden, hé, ik weet het wel. In je hoofd heb je besloten dat je er voor je achttiende verjaardag niet meer zult zijn. Daarom vind je het ook complete onzin om nu nog goed voor jezelf te zorgen. Niemand begrijpt het, maar ik wel, lieve Up. Ik snap wel dat je diabetes niet onder controle gehouden hoeft te worden als je nooit lang genoeg zult leven om met de langetermijncomplicaties te moeten dealen. Of dat het niet uitmaakt als je ooit moet gaan solliciteren met armen vol littekens, als je niet van zin bent ooit afgestudeerd te raken en naar werk te gaan zoeken. Het leven doet je pijn en maakt je enorm verdrietig bij momenten. Niemand weet waarom, niemand weet in welke mate, maar ik zie het, meisje.

Zal ik je eens iets vertellen? Hetgeen jij al jarenlang doet, heeft een naam. De manier waarop jij omgaat met eten, de wijze waarop je je diabetes compleet verwaarloost alleen maar om gewicht te verliezen, hoe jij kijkt naar jezelf ook ... dat noemen ze een eetstoornis. Jij bént niet het probleem, maar je hebt er wel een. Een levensgroot, maar dat besef je nu nog niet. Je voelt dat er iets niet pluis is, maar het echte besef moet nog komen. Later dit jaar zal je op vakantie in een diabetische coma belanden. Zelfs dan zal je nog niet goed beseffen hoe ver je gaat in je zelfdestructie. Je zult de komende jaren iedere schoolvakantie in het ziekenhuis doorbrengen en ontelbare doktersbezoeken moeten afleggen. De pijn die je jezelf doelbewust doet, dat heeft ook een naam. Dat is niet gewoon ‘een sukkel die niet eens durft zelfmoord te plegen’, maar dat noemen ze automutileren. Het is een manier waarop mensen proberen met de te harde werkelijkheid om te gaan. Het betekent niet dat je zwak bent. Het betekent dat het allemaal te zwaar is en dat je niet voldoende ruimte vindt om daar hulp bij te vragen.

Er zijn nochtans hier en daar mensen die zien dat je niet goed in je vel zit. Je endocrinoloog, bijvoorbeeld. Het is dan ook daar dat je op een bepaald moment niet langer de schijn zult kunnen ophouden over een paar jaar. De leerkracht Nederlands, die er op haar eigen manier voor je is. Als je jezelf weer eens zo ziek hebt gemaakt dat je niet meer met de fiets naar huis kunt, brengt zij je met de wagen. Ze moedigt je aan om vaker met je stem naar buiten te treden, want ze vindt dat je zo mooi zingt. Ze hangt twee uur met jou aan de telefoon als je eigenlijk naar haar dochter belt, alleen maar omdat ze je wilt doen inzien dat je heel wat kansen zult hebben in het leven. Of de lerares Latijn bijvoorbeeld. Je zult beginnen huilen als ze je apart roept na een slechte test, omdat ze je alleen maar vertelt dat een stomme test Latijn (?!) het einde van de wereld niet is. Dat al die klasgenoten dat wel met de vingers in de neus doorkomen, maar dat ze ervan overtuigd is dat jij in het leven heel wat meer zult bereiken dan de meesten van hen. Er is ook je vriendin, waar je zo naar opkijkt. Zij dartelt door het leven, heeft een schitterend vriendje, is sportief en slank en slim. Ze voelt dat je vaak verdrietig bent. Ze wil er graag voor je zijn, maar jullie zien elkaar niet genoeg en jij bent bang deze prachtvriendin af te schrikken en zwijgt dus. Misschien is dat de enige raad die ik je zo graag wil geven, lieve Upje. Trek je mond open en vertel. Minimaliseer niet wat je allemaal overkomt, maar praat erover. Zeg wat er allemaal in je hoofd rondspookt en maak je wanhoop niet langer tot een groot geheim. Er zijn mensen die je willen helpen. Je moet hen alleen toestaan door je muren te breken. Je moet een tipje van de sluier lichten voor zij kunnen zien wat er scheelt.

Wat zou ik het heerlijk hebben gevonden als je op zestienjarige leeftijd had geweten wat ik nu weet. Dat je echt de moeite waard bent. Dat je graag gezien mag worden en dat je dat langzaamaan wel zult leren. Dat er écht een einde zal komen aan al je ellende, al zal dat nog wel heel wat jaren duren. Dat je sterk genoeg zult zijn om op eigen benen te gaan staan, intussen een studie af te werken, die eetstoornis en dat automutileren afgeleerd te krijgen en dan en passant nog even de man van je dromen aan de haak te slaan. Dat je je studie tot een goed einde zult gaan brengen, zelfs al is het in brokken en stukken. Je zult ook werk vinden, al is het niet waar je stiekem van gedroomd hebt. Vandaar ook nog een wijze raad: luister niet naar wie dan ook. De arts die zegt dat logopedie geen goed idee is vanwege geen werkzekerheid, de CLB’er die zegt dat je geen psychologie kunt gaan doen omdat je nooit een wiskunderichting hebt gevolgd, je vader die muziek afraadt omdat alleen de állerbesten het daarin kunnen maken, ... Luister naar je hart.

Voor nu zeg ik je alleen nog dit: ik houd je vast. Zo hard als jij nu probeert jezelf kapot te krijgen, zo hard wil ik je op dit kleine moment laten voelen dat dat iemand zijn armen om je heen slaat en er voor je is. Omdat jij het waard bent. Nu, vroeger, in de toekomst. Altijd. Je zúlt veranderen, maar vergeet dat gewoon nooit. De prachtige kern van wie je bent en zult worden is er al. Je strijd naar een normaal en gezond leven zal voor de rest zorgen. De combinatie zal je tot een fijn en sterk persoon maken.

Succes, Uppie. Spring maar op de rollercoaster, want hij brengt je naar een fijne plek!

Dikke zoen,
De oudere versie van jezelf

 Deze post kadert in het project #boostyourpositivity – week 1: Inner & Self.

zaterdag 31 januari 2015

Januari.

Januari was voorlopig een maand van moeheid. De oude vertrouwde allesoverheersende vermoeidheid was er weer en maakte dat ik niet meer schreef. Ik ging naar mijn werk, zorgde voor ons patatje, probeerde het huishouden draaiend te houden en dat was het dan. Veel internetten was er niet bij, lezen al helemaal niet en grootse plannen bedenken over hoe ik mijn kot ging reorganiseren nog minder. Het was daarnaast ook een maand van feestjes. Op eenzelfde weekend een familiefeest en een doop/verjaardags/nieuwjaarsfeestje was wat veel van het goede. Het weekend erna deden we het echter nog eens over met een andere verjaardag en ‘gewoon gezellig samenzijn’. De echtgenoot en ik trokken ook eens naar de cinema, terwijl Kasper opgevangen werd door zijn meter. Ik begon ijverig aan mijn goed voornemen van nieuwe recepten uit te proberen en maakte in dat kader al pompoenrisotto (volgens een combinatie van twee recepten), gevulde courgette en tomaat, mexicaanse rijst, witloofsoep en knolseldersoep met pastinaak en wortel. Na een kotsende echtgenoot en een zwaar hoestende zoon vreesde ik dat deel II van de maand meer op een ziekenboeg zou lijken. We deden ons best om het niet zo ver te laten komen, maar er volgde ook nog een dubbele oorontsteking (de zoon), een verkoudheid met lichte koorts (de echtgenoot) en iets wat door de dokter werd gecategoriseerd als “ofwel griep, of anders een urineweginfectie met daarbovenop een fikse verkoudheid” (ik). Uch. Enfin, we leven nog allemaal, da’s het belangrijkste, zeker? Er stond verder nog eens een cinemabezoekje op het menu, een eerste verjaardag en een feestje daarrond. Om het helemaal zot te maken, logeerde de zoon ook nog eens bij zijn moeke en trokken de echtgenoot en ikzelf naar Breda voor een cabaretvoorstelling. Tweejaarlijks terugkerend fenomeen, iets waar we al héél lang naar uitkeken. Hoewel ik nog steeds doodmoe ben en ik stiekem al heel erg droom van lente, zonnestralen en hopelijk meer energie daardoor, denk ik dat we moeten concluderen dat het een fijne maand was!