Over Upje.

Follow by Email

woensdag 6 juni 2012

No worries.

“Liefje, je gaat toch wel voorzichtig zijn, hé ? Het gaat toch wel goed, hé? Beloof je dat je het zegt als het toch allemaal wat moeilijk wordt?” En later dan weer: “Ik ben heel trots op je, hoor. Maar oppassen, hé meisje. Als ik zie hoe weinig je kon afvallen met het dieet van de diëtiste, ben ik soms wel bang als je nu plots zoveel afvalt. Dan eet je wel héél weinig, niet?” 

Ik begrijp de echtgenoot wel. In het begin heb ik me er ook vragen bij gesteld. Doe ik hier nu wel goed aan? Ik heb natuurlijk mijn verleden, en ik ben mij er ook van bewust dat zoiets altijd wel een beetje op de loer ligt. Hij heeft gelijk dat ik met een zeer bescheiden voedingsschema van een diëtiste héél weinig resultaat boekte; 2,5kg op bijna elf maanden tijd, dat stelt zo goed als niets voor. Vooral niet als mijn menu’tjes gedurende die periode steeds verder werden ingekrompen, in de hoop toch wat extra gewicht kwijt te raken. Dus het klopt: vandaag eet ik heel weinig. Rijstwafels, maiswafels, magere yoghurt, komkommer en tomaten zijn mijn grote vrienden. Dat eet ik gedurende de dag. ’s Avonds eet ik normaal; weinig, mager, maar wel aardappelen met groentjes en wat vlees. Als je naar de hoeveelheid kcal kijkt, krijg je zo ongeveer een hartverzakking. Doorgaans eet ik er ergens tussen de 600 en de 1000. Dagen van 1000 zijn er vaak met verschillende hypo’s, waar ik dus verplicht ben om fanta te drinken. Dat is weinig. Héél weinig. Ik besef dat. En toch ... heb ik niet het gevoel dat het slecht gaat.

Ten eerste lijd ik geen honger. Als mijn maag toch begint te knorren, eet ik wel iets. Wederom een rijstwafel of een maiswafel, heel soms eens een puddinkje. Of gewoon wat kerstomaatjes, die zijn mijn nieuwe snoep. Of een schelletje of twee kippewit, als ik thuis ben. En als zich de gelegenheid voordoet, eet ik gewoon wél ook vetrijke dingen. De afgelopen paar maanden heb ik toch een keer of drie pitta gegeten (da’s verdekke meer dan dat ik deed voor ik wilde afvallen!), vorige week nog eens pizza en niet zo lang geleden ook twee keer op één week kroketjes. Zelfs een lading frietjes van het frituur – mét bijbehorende vleesjes – is niet eens zo héél lang geleden. Maar ik probeer uit te kijken dat ik dan geen overdreven hoeveelheden eet, en dat na zo’n uitspatting dan weer een paar dagen met ‘gewoon’ volgen. En ik probeer ook op restaurant of bij een pizza of pitta dan toch voor de ‘gezondere’ keuzes te gaan. Op zulke dagen zal de teller eerder op 1000 tot zelfs soms 1400 kcal komen te staan. De weegschaal lacht ook niet de dagen nadien, maar dat zorgt niet voor paniek. Dus ik heb echt het gevoel dat het wel goed loopt.

Ook nu heb ik nog altijd een goeie instelling: gaat er nog wat extra af, dan ben ik heel blij. Maar blijft het ongeveer zoals nu, dan ben ik ook wel tevreden. Mét een BMI van 27,8 of iets in die stijl. En mét nog altijd kledingmaat 42/44. Ik verlang zelfs niet naar een gezond BMI, want dan zou er nog minstens 7 kilo af moeten. Voor de bovengrens dan toch. Ik wéét dat dat voor mij niet haalbaar is, en daar heb ik ook geen enkele moeite mee.  

En het allerbelangrijkste: mijn diabetes is nog altijd goed geregeld. Ik heb minder hypo’s, en dus bijgevolg ook meer uitschieters naar boven, maar dat kon niet echt kwaad. De laatste paar consultaties maakten de artsen zich meer zorgen over de belachelijk veel voorkomende lage waardes dan over mogelijke piekjes. Die hypo’s zijn nog steeds niet helemaal weg, maar toch gereduceerd naar gemiddeld eentje of twee per dag, in plaats van vier, vijf of zes. Mijn HbA1C (gemiddelde waarde over een langere tijd) zal dus wel iets hoger zijn dan de laatste keren, maar er was heus nog genoeg marge.

Maar goed. Ik heb mijn lief gerust gesteld dat het goed gaat, en dat hij zich geen zorgen moet maken. En dat ik het hem echt zou vertellen als het toch plots te moeilijk zou worden. De dag dat ik merk dat ik onverstandige keuzes maak, trek ik aan de alarmbel. Beloofd. Vandaag de dag ziet de situatie er ook heel anders uit dan toen. Ik heb nu een leven om voor te vechten, en om absoluut te vermijden dat het weer helemaal fout gaat. Geen haar op mijn hoofd dat eraan denkt dat nog toe te laten. Als ik moet kiezen tussen hervallen of gewoon dik zijn, dan kies ik voor het laatste. Eerlijk. Maar voorlopig is dat dus helemaal niet aan de orde. I promise!

1 opmerking:

  1. Wees toch maar fier op jezelf.
    En natuurlijk moet je opletten, maar dat lukt wel.

    BeantwoordenVerwijderen