Over Upje.

Follow by Email

donderdag 6 juni 2013

Het vervolg.

Sja, wat moet ik hierover zeggen? Het is weer een verhaal met veel gesukkel, hoor. Toch hebben we al bij al niet te klagen. Eerst kreeg ik een neusspray die me vapeurs en verschrikkelijke nachtelijke zweetsessies gaf; niet leuk. Dat de spray om de zes uur genomen moest worden, en dat ik er dus ook voor om zes uur moest opstaan iedere dag en tot 0u moest opblijven, maakte het niet meteen aangenamer. Daarna begon ik dan met de spuiten om de groei van eicellen te stimuleren. In het begin had ik er eigenlijk geen last van, maar de gynaecoloog was toch enigszins ongerust. In het begin had ik twaalf follikels, daarna 19 en bij de pick-up waren het er nog wel wat meer. De laatste twee, drie dagen voelde het niet meer echt comfortabel, dat moet ik toegeven. Ik groef een broek of twee van een maatje groter op, om mijn gespannen buik toch een beetje meer ruimte te geven. Ik ging niet meer sporten, omdat ik ergens toch het gevoel had dat dat niet zo’n best plan was.

Dan was het eindelijk de pick-up. Eindelijk ... want ik wilde echt dat het achter de rug zou zijn. Dat was het onderdeel waar ik het allerhardst tegenop zag en waar ik gewoon superveel schrik voor had. Mijn collega had me immers laten weten dat ze bij zo’n pick-up gewoon was flauwgevallen, een andere vertelde hoe haar schoonzus de hele tijd door verschrikkelijk had afgezien, het grote wijze internet liet ook niet meteen veel rooskleurige verhalen zien ... . Gelukkig was er nog een lieve vriendin die wél met geruststellende verhalen kwam (thx, A.!), zodat ik toch nog min of meer kalm naar het ziekenhuis kon vertrekken. “Ge moet er om zeven uur zijn”, hadden ze ons gezegd, dus wij brave sukkels stonden daar natuurlijk al om tien voor zeven. Stelt u maar voor dat ge te laat zou zijn, hé. Rond zeven uur kwamen we op de afdeling aan, waar we een kamer kregen toegewezen en de instructies gegeven werden. De echtgenoot moest even zijn ding doen en het resultaat daarvan gaan afgeven boven, ikzelf mocht me al in zo’n geweldig sexy operatiekleedje hijsen en dan zouden ze rond halftien (jaja, ge leest dat goed!) een kalmeerspuitje komen geven. De dokters kwamen om tien uur en zouden er dan dus aan beginnen en wij waren nummertje twee op de lijst. Kan er iemand mij eens uitleggen waarom wij dan in godesnaam daar zo gruwelijk vroeg moesten zijn?! Ik was om halfzes mijn nest uitgekropen, was ook nog steeds nuchter – dat niet eten stoorde me zo niet, maar dorst dat ik had, mannekes, dorst! – en dat alles om daar een slordige twee uur doelloos te zitten?!

Ze kwamen me inderdaad dat kalmeerspuitje geven en zeiden erbij dat ge er een beetje duizelig van kon worden. Ja, hallo ... . Ik zat daar te draaien op dat bed, niet te doen. Als ik nu iéts vreselijk vind, is het dat wel. Intussen werd het tien uur, halfelf – we gingen ervan uit dat het nu echt niet lang meer kon duren, aangezien zo’n pick-up ongeveer een half uurtje duurt -, elf uur, halftwaalf. Intussen ging de echtgenoot al eens polsen of ze ons toch niet vergeten waren, maar dat bleek niet het geval: we waren de volgende, hoor! Om twintig voor twaalf werd ik dan eindelijk naar de operatiekamer gereden. Ik was niet overdreven zenuwachtig, dus ik vermoed dat het spuitje zijn werk wel had gedaan.

Maar dan kwam het natuurlijk. “Ja, mevrouw, we gaan even uw blaas leegmaken” en nog voor ge maar hebt kunnen zeggen dat ge wel drie seconden voordien naar de wc zijt geweest, doen ze iets afgrijselijk pijnlijks en vliegt heel uw lijf al in de stress. Of wacht, niet veralgemenen: het mijne dan toch. Bon, dat duurt misschien een half minuutje, dus dat overleeft ge wel. Dan komt meneer de gynaecoloog met zijn gevreesde spiegeltje; dat is een soort eendenbek die ze dan altijd een beetje verder open schroeven. Het is ze nog nooit gelukt om dat pijnloos te doen bij mij, hoor. Deze keer ging het wel héél ver: ik verging van de pijn en echt iedere spier in mijn lichaam lag te trillen van de spanning. “Oh, my God,” dacht ik, “als dat ding dat hele half uur moet blijven zitten, dan hou ik het echt nooit vol. Hoe kan ik hier ontsnappen??” Er werd van ergens geroepen dat ik wel moest blijven doorademen en dat ik eventueel mocht puffen, maar dat vond ik dan ook maar niks. Godzijdank zei de beste man na een paar minuutjes dat hij me van die spiegel ging verlossen ... Oef! Zodra die eruit was, deed het uiteraard niet meer pijn. Toch was ik blijkbaar harder geschrokken dan ik zelf had zien aankomen, want ik begon daar toch wel te wenen, zeker. Ik schaamde me dood, maar ik kon het echt niet tegenhouden. Ik hóórde mijn echtgenoot zijn hart gewoon in tienduizend stukken krakken, natuurlijk.

Bon, nadat ik even een minuutje had geprobeerd mezelf weer kalm te krijgen en daar ook redelijk in geslaagd was, begonnen ze er dan aan. Wel, dat viel me geweldig mee. De dokter was er al aan begonnen voor ik het wist en voor ik het goed en wel besefte, gaf hij al een weggeprikte eicel aan de laborante. Ze vroegen om de vijf seconden of het wel ging, maar dat kon ik altijd eerlijk beamen. Op een bepaald moment zei de man dan dat hij wat hoger ging moeten beginnen prikken en dat dat wel meer pijn zou doen, maar ook dat was best draaglijk. De buit: 18 eicellen uit toch wel heel wat meer follikels. Hoera! Toen hij klaar was, zei de gynaecoloog nog: “Amai, ge zijt geen kleinzerige! Wij hadden hier nog allemaal pijnstilling klaarliggen die we via een infuus hadden kunnen geven, want met zoveel eicellen en zo’n grote eierstokken is het toch niet om mee te lachen.” Ik heb hem echt verbaasd zitten aankijken, want echt, veel pijn had ik niet ervaren.

Op voorhand had mijn eigen dokter gezegd dat ik de dag nadien wel zou kunnen gaan werken, maar deze dokter vond dat toch maar een vreemd idee en schreef me de rest van de week thuis. Laten we eerlijk zijn: wat een geluk! Want zo weinig pijn als het deed op het moment zelf, zoveel last kreeg ik later. Ge voelt dat ze in u hebben zitten wroeten en nog geen beetje. Naar beneden wandelen ging natuurlijk wel, maar het was eerder aan tempo van een dame van vijfentachtig. De echtgenoot wilde nog even langs de winkel, maar dat zag ik niet goedkomen. Ik ben dus in de auto blijven zitten. Zelfs dan was ik toch heel blij dat ik eindelijk in mijn zetel kon neervallen. De eerste twee dagen was liggen geen probleem, maar al de rest deed echt pijn. Vooral lachen: die buikspieren! Au, au, au. Op dag drie ging eigenlijk alles weer, hetzij soms wat moeizaam, behalve dat lachen (niet dat ik het ervoor gelaten heb, hoor) en de dag voor ik terug moest gaan werken, kreeg ik de indruk dat het allemaal wel in orde was. Oef.

De dag na die pick-up kregen we dan bericht van het ziekenhuis in Leuven, waar ze de eicellen en het sperma naartoe hadden getransporteerd. Van de achttien eicellen waren er drie niet rijp genoeg, de vijftien overige hadden ze proberen te bevruchten en dat was bij acht ervan gelukt. All right! Op dag drie zou het beste daarvan dan teruggeplaatst worden in Leuven. De dokter die de terugplaatsing ging doen, ging eventjes zeggen hoeveel van de acht er nog steeds goed waren blijven delen. “Eens kijken, hé. Een, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, acht .. Kan dat nu wel? Ik tel even opnieuw. Een, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven, acht. Wauw, een superresultaat!” Dan gingen ze er eentje terugplaatsen, maar dat moest natuurlijk ook weer met wat geklungel gepaard gaan. Blijkbaar is er een klein bochtje in mijn baarmoederhals, waardoor hun gerief niet zomaar tot in de baarmoeder geraakt. Na veel geduw en gepor komen ze daar dan achter en dan kunnen ze dat gemakkelijk oplossen door een voorgevormd buisje te gebruiken. Alé dan ... .

Een geweldig details was trouwens ook weer dat ge daar voor die terugplaatsing moest verschijnen met een halvolle tot volle blaas. Hoe ge moet weten wanneer het goed genoeg is, weet ik ook niet, dus ik dronk maar behoorlijk wat in de auto ernaartoe. Maar dan komt ge daar aan en moet ge u ook weer in zo’n operatiehemdje hijsen en dan ... zitten wachten. En wachten, en wachten. In totaal waren het maar veertig minuutjes, maar die blaas lachte wel eventjes minder!

En nu is het wachten geblazen, hé. Mijn lichaam geeft allerlei tegenstrijdige signalen, maar dat zou ook van de hormonen kunnen komen die ik nog steeds moet nemen. We wachten dus maar geduldig af ...

5 opmerkingen:

  1. OMG, ik krijg direct een halve paniekaanval... Binnenkort is het aan mij. Wat kijk ik er naar uit. Not!

    Wanneer mag je testen?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Een paniekaanval is echt niet nodig, hoor. Ik zag het op voorhand ook allemaal niet zitten en als mijn man niet had gesmeekt om het een keertje te proberen, zou ik gezegd hebben dat het dan maar afgelopen was voor ons. Maar al bij al ... viel het allemaal wel mee. Het is niet leuk en er zijn momenten die echt geen deugd doen, maar niets dat met een beetje kalm aan doen niet op te lossen valt.

    Wanneer ik mag testen? Ik heb vanochtend bloed laten trekken en mocht normaal vanmiddag bellen voor de uitslag, alleen moest ik dan via heel veel omwegen ontdekken dat mijn dokter wel niet werkt op donderdagmiddag. Argl! Morgen zal ik het dus weten...

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Ow my en ik dacht dat ik het ergste met heel die baarmoederoperatie nu wel achter de rug hebt.......
    Ik duim alvast mee voor een heel positief resultaat morgen!

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Dat klinkt allemaal verschrikkelijk onaangenaam... Stoere madam! En misschien een voordeel: al wat getraind voor een eventuelige zwangerschap en bevalling later ;) Ik duim keihard!

    BeantwoordenVerwijderen