Over Upje.

Follow by Email

zaterdag 3 mei 2014

Het is liefde.

In het telefoongesprekje met de echtgenoot afgelopen dinsdagnacht vroeg ik hem of ik hem toch geen pijn had gedaan. In het verleden is dat dus al wel per ongeluk gebeurd tijdens een fikse hypo. Ik word dan blijkbaar een soort lastige dronkaard, weet ge wel. “Nee nee”, antwoordde hij, “maar mijn hart is wel gekrakt!” Toen we elkaar terugzagen, vielen we elkaar in de armen. Hij had het vreselijk gevonden dat hij niet mee kon komen door Kasper en stiekem vond ik het ook wel jammer dat hij niet bij me was, al begreep ik dat uiteraard wel.

Vanmiddag klaagde de echtgenoot eerst even van rugpijn. Tien minuten later verging hij zo ongeveer. Nog eens tien minuten later smeekte hij me om de dokter van wacht te bellen, want dit kwam niet goed. Hij dacht aan nierstenen, wat de mevrouw aan de andere kant van de lijn hem bovenaan de lijst patiënten deed zetten. Terwijl we op de dokter zaten te wachten, begon mijn lief dan ook nog eens over te geven van de pijn, verschillende keren. Hij herkende dit van een episode met nierstenen meer dan tien jaar geleden en ikzelf vond het ook verdacht veel lijken op wat ik in Turkije had ervaren. Not funny, zoveel was duidelijk. Uiteindelijk kwam er toch een jonge dokteres en ze kwam meteen met twee spuiten over de brug. “Dit is een paardenmiddel, meneer”, zei ze, “hiermee zijt ge binnen een half uurtje wel van de pijn af.” Drie kwartier, veel gekreun en nog wat sessies overgeven later bleek dus van niet. Dit zijn helaas de momenten waarop ge vervloekt dat ge niet gewoon achter het stuur van de auto durft te kruipen. Ik zou het gedaan hebben, hoor, maar misschien is dit niet het ideale moment om het voor het eerst in eeuwen weer te gaan doen. Stress, misschien een huilende baby op de achterbank, een man die niet weet hoe te zitten van de pijn, ... . De schoonmoeder werd dus gebeld en ik begon een pyjama en een tandenborstel in te pakken voor het geval hij zou moeten blijven in het ziekenhuis.

We huilden allebei een potje. Hij, omdat hij niet bij ons kon blijven en hij dat toch echt liever wel had gedaan, zeker na ons grapje eerder deze week. Ik, omdat ik zo graag bij hem was gebleven in al zijn ellende. Toen ik daar in Turkije zat te sterven van de pijn, toen bleef hij bij me, iedere seconde. Dat deed ontzettend veel deugd. Nu kon ik dat niet voor hem terugdoen. Ik wilde dat ik zoonlief aan mijn schoonmoeder kon geven en zelf met de echtgenoot mee kon gaan, maar helaas pindakaas.

Toen zijn mama was gearriveerd, vielen we nog even in elkaars armen. “Succes liefje”, snikte ik. “Als ge moet blijven, dan kom ik hoe dan ook! Ik verzin wel iets voor Kasper dan. En ge moogt me altijd bellen, zelfs als het midden in de nacht is.” Hij plengde ook een traantje en smeekte me om in ieder geval niet achter het stuur van de auto te kruipen. Ik beloofde het. We sniften nog eens goed en toen vertrokken ze. Zijn mama pinkte ook een traantje weg, gewoon door ons zo te zien.

Hij mocht gelukkig terug mee naar huis komen met een zak vol pijnstillers. Het is de bedoeling dat hij de niersteen gaat uitplassen en dat zou zelfs op korte termijn moeten gebeuren. Ik hoop het met heel mijn hart. Hij is zo suf als de pest van al die pillen, maar hij is tenminste weer hier bij ons. “Ik ben zo blij dat ik u weer zie”, verzuchtte hij. Ik ben ook ontzettend gelukkig dat ik hem weer vast kan grabbelen. Net op dit soort momenten heb ik dat zo hard nodig.

Het is misschien idioot hoe wij elkaar dan plots zo hard missen en hoe wij zo vreselijk graag bij elkaar willen zijn, maar één ding is duidelijk: dit is liefde. Dat weet ge iedere dag al wel, maar als het helemaal scheef loopt nog tien keer zekerder.

Nu is het wat mij betreft wel genoeg geweest, hoor. We kunnen alweer een extra werkweek samen blijven, maar al die ellende was het nu ook weer niet waard. We hebben ons deel nu wel gehad, niet? Dat die steen dus maar héél snel en vooral probleemloos en pijnloos uitgeplast geraakt, en dat we daarna eindelijk eens een tijdje zonder nieuwe verrassingen verder kunnen. Zonder al die miserie zien we elkaar ook heel graag en zeggen we elkaar dat ook regelmatig. Dat komt zo ook wel goed!

1 opmerking: