Over Upje.

Follow by Email

zondag 5 juli 2015

Gewichtig deel zoveel.

De laatste tijd is gewicht hier weer een serieus issue. Toen ik thuiskwam uit het ziekenhuis na de bevalling, was ik terug op het gewicht van voor de zwangerschap. Driewerf hoera, er werd gejuicht en tevreden naar dat lijf gekeken. Zes maanden en een niet-slapende baby, veel werk en veel gedoe later, was er zes kilo extra terug bij. Uiteraard vond ik dat niet geweldig lollig, maar ik zou daar op een later tijdstip wel eens werk van maken.
Dat tijdstip was een aantal maanden geleden, toen ik op de weegschaal stond en zag dat mijn ‘dieptepunt ooit’ pijnlijk dichtbij kwam. Toen ik me daarna besluiteloos voor mijn kleerkast stond af te vragen of ik nu broek één die nog paste of broek twéé die nog paste (allebei lelijk en uitgelebberd, let’s be honest) moest aandoen, zou ik dus actie ondernemen. De echtgenoot en ik maken er echter ook geen geheim van dat we graag nog een tweede kindje willen en dus leek het me geen topplan om een streng dieet te gaan volgen.
Langzaam, beetje bij beetje, ‘gewoon gezond’, met dat soort dingen zou het moeten goedkomen. Of ook niet dus ... . Daarom besloot ik een tijdje later voor de online formule van de weight watchers te gaan. Ik was een beetje sceptisch, want ik zou dan meer mogen eten als wat ik normaal al deed, schatte ik. Het resultaat was inderdaad dat er nog twee extra kilo’s bijkwamen en dan had ik mijn weekpunten nog niet eens opgebruikt. Ik vond dat ik wat moest volhouden, maar toen ik na een maand nul komma nul was verloren, gaf ik er de brui aan. Net op dat moment las ik dat een vriendin voor het lchf-dieet ging. Of een levensstijl, wat je wilt. Nauwelijks koolhydraten eten, maar wel behoorlijk wat (gezonde) vetten. Geen gefrituurde kost dus, maar wel avocado’s, heel veel eieren, spek, vlees, volle yoghurt en mayonaise. Eigenlijk heel veel wat je bij een normaal ‘dieet’ niet mag eten dus. Bovendien was de diëtiste bij wie ik dit programma wilde volgen tegelijkertijd ook diabetesverpleegkundige en dat vond ik wel een plus. Eindelijk iemand die de dingen vanuit de twee kanten kan bekijken, daar was ik blij om. Met dit dieet zou je bovendien ook veel stabielere bloedsuikers krijgen en minder lage waardes, iets wat ik alleen maar kon toejuichen. Ik begon er enthousiast aan, maar voelde de moed al snel in mijn schoenen zinken. Het eten smaakte me helemaal niet, maar bovendien voelde ik me met de dag slapper en bleef er van mijn spierkracht niets meer over. Gewicht verloor ik al helemaal niet en dat was toch mijn hoofddoel. Ik moet wél toegeven dat de hoeveelheid hypo’s spectaculair minderde en dat was een echte verademing. Maar dat gewicht, dat slecht voelen, ... .

Na vijf weken moest ik bij mijn endocrinoloog zijn en die luisterde écht naar me. Ze verstond mijn gevecht en mijn frustratie en ze wilde proberen te helpen. Daarom stelde ze voor een impedantiemeting te doen. “Een wattuh?”, denkt u. Dat vroeg ik ook, ja. Het komt erop neer dat men op een wetenschappelijke manier de samenstelling van je lichaam gaat bepalen en aan de hand daarvan berekent hoeveel kcal je lichaam nodig heeft in rust etc en ook wat je kunt doen om toch gewicht te verliezen. Dat kon zijn door toch strikter te diëten, maar bijvoorbeeld ook door meer aan sport te doen. Uit de test zou blijken wat voor jou zou kunnen werken. Ik was als de dood dat ze zouden zeggen dat ik plots superintensief aan het sporten moest slaan, want als ik nu iéts niet graag doe ... . Toch stemde ik toe.

Vrijdag was de impedantiemeting. Ik moest nuchter zijn en mocht dus ook de hele nacht niet drinken. Erg lollig bij deze tropische temperaturen. Ik trok ernaartoe en de uitslag was uhm ... teleurstellend. Volgens dat ding verbrand ik in rust 1600kcal, terwijl ik er veel minder eet en toch niets afval. De diëtiste denkt dat ik net méér moet eten, vooral volkoren en vezelrijke koolhydraatbronnen dan, om te zorgen dat mijn lichaam uit een spaarstand komt waarin het al heel lang zit. Dat van die spaarstand, dat geloof ik wel. Dat het daar nu zomaar gaat uitkomen omdat ik even méér eet ... dat weet ik dan weer niet. Het idee bij volkoren boterhammen maakte mij al helemaal triest. Ik lust echt graag brood, maar volkoren hoort daar wel niet bij. Zomaar een donker was nog niet goed genoeg, want enkel écht volkoren of écht roggebrood zou voldoende vezels bevatten. Alle andere varianten zijn maar fake donker en dat zou toch een heel verschil maken. De conclusie was ook wel dat ik niet persé intensief aan het sporten moet slaan, want dat zou mij niet doen afvallen. Ik roep dat al jaren, maar het is wel eens fijn om dat nu ook bevestigd te zien. Dat zegt uiteraard niet dat het slécht zou zijn om dat te doen, hé. Voor je conditie en hart- en vaatziekten en weet ik veel wat nog is dat zeker een goed gegeven. Als handvat voor mij om af te vallen is het echter nutteloos.

Ik heb daar geweend, ja. Ik wil alles laten, snikte ik, maar ik wil geen dingen eten die ik echt niet lekker vind. Dat begreep ze wel. Probeer het dan met havermout en volkoren cracotten en wasa crackers, zei ze. OK. En van het verschieten beloofde ik gewoon één keer een klein volkoren broodje te kopen om het nog een laatste keer te proberen. Het is immers al jaren geleden dat ik het nog eens at, wie weet krijg ik het nu wel naar binnen.

Voor de rest proberen we toch nog de hypo’s te verminderen, want die lopen weer heel erg de spuigaten uit. Daarvoor moet je ook iedere keer snelle suikers eten en die houd je uiteraard best zo veel mogelijk beperkt. Dat is een ongoing process, vrees ik, maar we proberen het. Iedere fanta die ik minder moet drinken, is er toch weer eentje.

Er was frustratie toen ik buitenkwam, dat klopt. Daarom ging ik naar de panos, kocht er een gamma koffiekoeken en vrat die als lunch op. Voilà. En vanaf morgen gaan we eens bekijken wat ik kan doen en hoe ik dat praktisch wens aan te pakken. Morgen. Nu nog even niet!

2 opmerkingen:

  1. Helaas maar al te bekend. De onmacht, de frustratie, het verdriet... dikke knuffel xxx

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Veel succes ermee! Ik snap de frustratie, of op zijn minst toch deels, want de hele moeilijkheid van diabetes erbovenop heb ik natuurlijk niet.
    Klinkt wel interessant, zo'n impedantiemeting! Ik ben uiteindelijk dankzij veel sporten en gezonder eten kunnen afvallen, maar ik sport graag, dus ook als dat niet had geholpen, was het niet erg geweest (of toch niet héél erg ;-) ). Goed dus dat jij weet dat dat voor jou veel sporten niet noodzakelijk is; spaart je waarschijnlijk een hoop frustratie uit!

    BeantwoordenVerwijderen